Op deze website vindt u verblijfsdocumenten terug die gepubliceerd staat op bijlage 22 van het Praktisch handboek voor de Grenswachter “Lijst van de door de Lidstaten afgegeven verblijfsdocumenten”.

8 Principes voor verblijfsdocumenten bij het Extra-Schengen reizen

  1. Indien aan alle onderstaande voorwaarden en principes voldaan is het voor een vreemdeling mogelijk om via deze verblijfsdocument een visumvrije reis naar België te ondernemen:
    • De vreemdeling is in het bezit van een geldig en erkend reisdocument (zie rubriek “Erkende reisdocumenten”). Er moet steeds gereisd worden met de combinatie van een reisdocument en een verblijfsdocument.
    • De volgende 5 identiteitsgegevens van het reisdocument stemmen 100% overeen met de gegevens die op het verblijfsdocument zijn opgenomen: Naam, Voornaam, Geslacht, Geboortedatum, Nationaliteit.

      Indien er geen 100% overeenstemming is kan er niet gereisd worden op basis van de combinatie.
      • Voorbeeld 1: Een persoon heeft de dubbele nationaliteit X en Y,  beide deze nationaliteiten zijn derde landen[1].   Betrokkene kan niet reizen met het paspoort verstrekt door derde land X en een verblijfsdocument met vermelding nationaliteit Y.
      • Voorbeeld 2:  Een persoon is als vluchteling erkend in een andere Schengenlidstaat Z.  Betrokkene moet in dit kader reizen met een vluchtelingenpaspoort verstrekt door Z.  
        Betrokkene kan daarom niet reizen op basis van het nationaal paspoort van zijn herkomstland A met nationaliteit A en een verblijfsdocument verstrekt door Schengenlidstaat Z met als vermelding “vluchteling”.


Vluchtelingen en personen met statuut subsidiaire bescherming: zie onderstaande rubriek 6
 

  1. Andere documenten die niet op deze website zijn opgenomen onder de rubriek “Visumvervangende verblijfsdocumenten” hebben geen visumvrije waarde en geen waarde in he kader van reizen naar België, bijvoorbeeld
    • België:  Attest van Immatriculatie, attest van diefstal of verlies, …
    • Frankrijk:
      • "Récépissé de demande de carte de séjour - a demandé la délivrance d'un premier titre de séjour"
      • ''Récépissé de demande de carte de séjour - a demandé le duplicata de son titre de séjour ''
      • Het document ''Récépissé de demande de carte de séjour - a demandé la modification de son titre de séjour
      • “Attestation de prolongation d’instruction d’une demande de renouvellement de titre de séjour”.

 

  1. Een erkend verblijfsdocument verstrekt door een andere Schengenlidstaat dan België stelt de vreemdeling in de mogelijkheid tot het hebben van een kort verblijf in België (= een verblijf van ten hoogste 90 dagen binnen een periode van 180 dagen) of een inreis via een Belgische grenspost. Dit steeds binnen de geldigheidsduur van het verblijfsdocument en binnen de geldigheidsduur van het reisdocument.

 

Ditzelfde geldt voor een D-visum verstrekt door een andere Schengenlidstaat.[2]

 

Voor een lang verblijf in België (= een verblijf langer dan 90 dagen binnen een periode van 180 dagen) is steeds vereist: een D-visum verstrekt door België of een verblijfsdocument verstrekt door België.

 

  1. Verblijfsdocumenten, D visa of andere visa verstrekt door Ierland, Roemenië, Bulgarije, Cyprus en Kroatië hebben in principe geen visumvrije waarde voor de Schengenzone. Dit zijn EU-lidstaten die niet tot de Schengenzone behoren.
    • Uitzondering: Indien het verblijfsdocument expliciet vermeldt dat het verstrekt is in de hoedanigheid van “Familielid van een EU-onderdaan”.  Een niet-limitatieve lijst van deze verblijfsdocumenten staat opgenomen op deze website voor deze vijf EU-staten.

 

  1. Bij de lijst van verblijfsdocumenten wordt bij de Schengenlidstaten een onderscheid gemaakt tussen:
    • enerzijds “verblijfsdocumenten verstrekt volgens het uniform model” van de EU
    • anderzijds “Alle andere aan onderdanen van derde landen afgegeven documenten die gelijkwaardig zijn aan een verblijfsvergunning”. Dit zijn documenten die niet volgens uniform model zijn opgesteld.

Dit onderscheid is van belang om te controleren of het document visumvrije waarde heeft of niet. Controleer dus steeds onder welke rubriek het document staat.

Meer formatie omtrent het uniform model vindt u terug op de website van de EU

 

  1. Vluchtelingen en Personen met status subsidiaire bescherming

Erkende vluchtelingen moeten reizen met een reisdocument verstrekt door de staat die hen de bescherming biedt. Zij kunnen niet reizen op basis van een reisdocument verstrekt door hun herkomstland. Erkende vluchtelingen mogen nooit meer reizen met het nationaal paspoort van hun herkomstland.  Bijvoorbeeld:

  • OK om te reizen:  betrokkene reist op basis van een Vluchtelingenpaspoort verstrekt door een ander Schengenland X en een verblijfsdocument van dat Schengenland X met vermelding “vluchteling”
  • NIET OK om te reizen: Een persoon is als vluchteling erkend in een andere Schengenlidstaat Z.  Betrokkene moet in dit kader reizen met een vluchtelingenpaspoort verstrekt door Z.   Betrokkene kan daarom niet reizen op basis van het nationaal paspoort van zijn herkomstland A met nationaliteit A en een verblijfsdocument verstrekt door Schengenlidstaat Z met als vermelding “vluchteling”

 

Echter, personen met het statuut van subsidiaire bescherming behouden hun nationaal reisdocument van het land van herkomst, zij kunnen hiermee visumvrij reizen wanneer zij naast dit nationaal reisdocument ook in het bezit zijn van een verblijfsdocument opgenomen op de rubriek “Visumvervangende verblijfsdocumenten” van deze website. Bijvoorbeeld:

  • OK om te reizen:  betrokkene is erkend als subsidiaire beschermde door een andere Schengenlidstaat Y. Hij behoudt het nationaal paspoort van zijn eigen herkomstland A met nationaliteit A.  De andere Schengenlidstaat Y zal overgaan tot het verstrekken van een verblijfsdocument met vermelding “Subsidiaire bescherming” met de nationaliteit A.  Betrokkene kan reizen op basis van zijn paspoort van herkomstland A en een verblijfsdocument verstrekt door Schengenlidstaat Y met vermelding nationaliteit A.

 

De Belgische en Europese reglementering over het statuut subsidiaire bescherming voorzien enkel in de afgifte van een specifiek reisdocument door België of andere EU-lidstaat indien de begunstigde van het statuut geen nationaal paspoort kan bekomen en om dringende humanitaire redenen naar het buitenland moet reizen.

 

  1. Burgers van een EU-lidstaat of van een Schengenlidstaat kunnen reizen op basis van een geldige identiteitskaart afgegeven door herkomstland of een geldig nationaal paspoort. Zij moeten steeds in het bezit zijn van minstens één van beide documenten.

 

Zij kunnen niet reizen op basis van slechts een verblijfsdocument (bijv. voor België een E, E+, EU of EU+ kaart) zonder hierbij in het bezit te zijn van geldige identiteitskaart of geldig paspoort.

 

  1. Verblijfskaarten of visa verstrekt door het Verenigd Koninkrijk hebben vanaf 01.01.2021 geen enkele visumvrije waarde meer binnen de Schengenzone. Dit geldt zowel voor de visumplicht type A (luchthaventransitvisum) als visumplicht type C (visum kort verblijf).

 


[1] Een onderdaan van een derde land betreft een vreemdeling die geen burger is van een EU- of Schengenlidstaat.

[2] Zie rubriek “Aanwijzingen lezen van de visumsticker”: laatste twee pagina’s.