Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

De_au_pair_jongeren

 
De au pair jongeren

 

Deze pagina is gericht op de jonge vreemdelingen die geen onderdaan zijn van de Europese Economische Ruimte of van de Zwitserse Bondsstaat en die als au pair-jongere in België willen verblijven.

1. Wat wordt onder een « au pair-jongere » verstaan ?
2. De machtiging om een buitenlandse au pair-jongere te werk te stellen
3. Welke voorwaarden moeten gerespecteerd worden om de arbeidsvergunning te bekomen?
4. De machtiging om meer dan 3 maanden in België te verblijven
5. De bewijsstukken
6. In welke vorm moeten de bewijsstukken overgelegd worden?
7. De afgifte van het visum
8. De weigering om het visum af te geven
9. Zich informeren over de status van een visumaanvraag
10. Verplichting die aan de au pair-jongere na zijn binnenkomst op het grondgebied wordt opgelegd
11. Nuttige wettelijke referenties

1. Wat wordt onder een « au pair-jongere » verstaan ?

De au pair-jongere is een jongere die tijdelijk in een gastgezin wordt opgenomen waar hij kost en inwoning geniet in ruil voor lichte dagdagelijkse huishoudelijke taken, om zijn taalkennis te vervolmaken en zijn algemene ontwikkeling te verruimen door een betere kennis van het land, door deel te nemen aan het gezinsleven van het gastgezin.

2. De machtiging om een buitenlandse au pair-jongere te werk te stellen

Een gezin en een jonge vreemdeling mogen niet met een au pair-plaatsing beginnen vooraleer ze de voorafgaande machtigingen (arbeidsvergunning en arbeidskaart) bekomen hebben.

Een gastgezin mag geen geldige arbeidsvergunning voor een andere au pair-jongere hebben.

De geldigheidsduur van de arbeidsvergunning en van de arbeidskaart mag niet langer zijn dan 1 jaar.

De arbeidsvergunning en de arbeidskaart mogen slechts eenmaal worden vernieuwd, voor zover de plaatsingsperiode niet langer dan in totaal 1 jaar duurt.

Een eventuele wijziging van gastgezin is slechts eenmaal mogelijk, voor zover de totale duur van de plaatsing van de au pair-jongere in totaal niet langer dan een jaar duurt en voor zover aan de andere toekenningsvoorwaarden van de arbeidsvergunning en de arbeidskaart eveneens voldaan is.

AANBEVELING
Raadpleeg de site van de bevoegde regionale overheden voor volledige informatie over de voorwaarden die door het gastgezin en de au pair-jongere moeten worden gerespecteerd om de arbeidsvergunning en de arbeidskaart te bekomen.

3. Welke voorwaarden moeten gerespecteerd worden om de arbeidsvergunning te bekomen?

A. De au pair-jongere moet :

1. tenminste 18 jaar en nog geen 26 jaar oud zijn op de datum van toekenning van de arbeidsvergunning en de arbeidskaart ;
2. zich ertoe verbinden in België geen dienstbetrekking uit te voeren gedurende de au pair-plaatsing;
3. over een titel beschikken die hem in het land van herkomst recht op toegang geeft tot het hoger onderwijs of het bewijs leveren dat hij minstens tot de leeftijd van 17 jaar onderwijs gevolgd heeft;
4. een basiskennis hebben van de omgangstaal van het gastgezin of de verbintenis aangaan deze basiskennis onmiddellijk na aankomst in België te verwerven via het volgen van een intensieve taalcursus;
5. gedurende de au pair-plaatsing cursussen volgen in een erkende instelling, erkend of gesubsidieerd door één van de Gemeenschappen of bepaald door de Gewestminister die de tewerkstelling onder zijn bevoegdheid heeft en die de gewesttaal of – talen onderwijst, door trimestrieel een bewijs voor te leggen waaruit blijkt dat hij regelmatig deze lessen volgt;
6. nog geen arbeidskaart hebben verkregen in België, uit welke hoofde dan ook (behalve het geval van een arbeidskaart in de hoedanigheid van au pair-jongere die de maximale tewerkstellingsduur van 12 maanden die kan worden toegekend niet overschreden zou hebben).

B. Het gastgezin moet :

1. onder zijn leden minstens één kind tellen dat geen 13 jaar oud is bij de aanvang van de periode van verblijf van de au pair-jongere;
2.voor de kinderen die de leeftijd van 6 jaar niet bereiken, het bewijs voorleggen dat, voor de periode die overeenkomt met de maximale duur van het verblijf van de au pair-jongere of voor de periode tot het jongste kind de leeftijd van 6 jaar bereikt, overdag in hun opvang werd voorzien;
3.een bewijs van goed zedelijk gedrag voorleggen voor al zijn leden, meerderjarig bij de aanvang van het verblijf van de au pair-jongere;
4. de au pair-jongere maandelijks, per overschrijving op zijn bankrekening, een vast bedrag als zakgeld uitkeren van ten minste 450 €, ongeacht eventuele periodes van inactiviteit van de au pair-jongere ;
5. ten gunste van de au pair-jongere een aanvullende verzekering gesloten hebben voor het waarborgen van de risico’s, inzake de medische, farmaceutische en hospitalisatiekosten in geval van ziekte of ongeval;
6. de au pair-jongere een persoonlijke kamer ter beschikking stellen en hem de vrije toegang tot de woning verzekeren;
7. de au pair-jongere minstens over een volledige vrije dag per week laten beschikken en alle mogelijkheid geven deel te nemen aan de uitoefening van zijn eredienst of van zijn levensbeschouwingen;
8. zich ertoe verbinden een verzekering af te sluiten voor de eventuele voortijdige repatriëring van de au pair-jongere veroorzaakt door ziekte of ongeval, alsook er zich toe verbinden de kosten te betalen die voor de Staat eventueel voortvloeien uit het verblijf van de au pair-jongere of zijn repatriëring ;
9. zich akkoord verklaren de toezichthoudende ambtenaren toegang te verlenen tot de woning.

AANBEVELING
Raadpleeg de site van de bevoegde regionale overheden voor volledige informatie over de voorwaarden die door het gastgezin en de au pair-jongere moeten worden gerespecteerd om de arbeidsvergunning en de arbeidskaart te bekomen.

4. De machtiging om meer dan 3 maanden in België te verblijven

De au pair-jongere mag niet meer dan 3 maanden in België verblijven zonder daar voorafgaand toe gemachtigd te zijn geweest.

De algemene regel is dat deze machtiging tot verblijf wordt aangevraagd bij de Belgische diplomatieke of consulaire post die bevoegd is voor de verblijfplaats of de plaats van oponthoud in het buitenland (D-visum).
Indien België niet aanwezig is in het land waar u verblijft, neem dan contact op met de Belgische diplomatieke of consulaire post die bevoegd is voor dit land. Over het algemeen bevindt deze post zich in een aangrenzend land.

AANBEVELING
Raadpleeg de website van het bevoegd consulaat voor alle inlichtingen inzake de praktische regels voor de indiening van uw visumaanvraag. Om meer te weten over de Belgische ambassade of het Belgisch consulaat die of dat bevoegd is, klik hier:
 http://diplomatie.belgium.be/nl/Diensten/ambassades_en_consulaten/

 

5. De bewijsstukken

Wanneer hij een aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 3 maanden in België indient, overlegt de au pair-jongere de volgende bewijsstukken :

a) Een ingevuld en ondertekend visumaanvraagformulier (dubbel exemplaar);
b)Een reisdocument waarin een visum kan worden aangebracht en waarvan de geldigheidsduur langer is dan 12 maanden (bv. een paspoort);
c) Arbeidskaart B (de originele en geldige kaart);
d) Een medisch attest waaruit blijkt dat hij niet is aangetast door een van de ziekten die de volksgezondheid kunnen bedreigen (dit document moet niet worden overgelegd indien het bij de aanvraag van de arbeidskaart reeds werd overgelegd) ;
e) Een uittreksel uit het strafregister of een gelijkwaardig document.
Deze documenten zijn basisdocumenten die bij de indiening van elke aanvraag voor een machtiging tot verblijf die in dit kader wordt ingediend moeten worden overgelegd. Het is mogelijk dat het consulaat van mening is dat de overlegging van bijkomende documenten en/of een onderhoud noodzakelijk zijn voor het onderzoek van de aanvraag.

6. In welke vorm moeten de bewijsstukken overgelegd worden?

A. De au pair-jongere overlegt de originele documenten en een fotokopie van deze documenten. De originelen zullen hem worden teruggegeven.

De officiële buitenlandse documenten moeten gelegaliseerd zijn of voorzien zijn van een apostille, tenzij een verdrag een vrijstelling voorziet.
U vindt alle nuttige informatie over deze formaliteit op de website van de FOD Buitenlandse Zaken (http://diplomatie.belgium.be).

B. De buitenlandse documenten die in een andere taal dan het Duits, het Frans of het Nederlands werden opgesteld maken het voorwerp uit van een vertaling door een beëdigde vertaler die conform is aan het origineel. Deze vertaling moet gelegaliseerd worden als een afzonderlijk document, volgens de procedure die voorzien wordt in het land van herkomst, vervolgens door de bevoegde Belgische ambassade of het bevoegd Belgisch consulaat.

7. De afgifte van het visum

De algemene regel is dat de beslissing om het visum toe te kennen genomen wordt door het consulaat. In geval van twijfel, of indien het ingediend dossier het niet mogelijk maakt om het visum af te geven, raadpleegt de post de Dienst Vreemdelingenzaken, die de uiteindelijke beslissing neemt.

De dienst waakt er in alle gevallen over dat zijn beslissing zo snel mogelijk wordt meegedeeld.

Het visum dat in uw reisdocument wordt aangebracht is een nationaal visum voor lang verblijf (D-visum)dat meerdere binnenkomsten (MULT) mogelijk maakt. De geldigheidsduur van het visum mag niet langer zijn dan 1 jaar.

Wat het vrij verkeer op het Schengengrondgebied betreft, heeft dit visum dezelfde gevolgen als een verblijfskaart. Bijgevolg bent u gemachtigd om u naar een andere Schengenstaat te begeven, voor een totale duur van niet meer dan 3 maanden op een periode van 6 maanden, te rekenen vanaf de datum van uw eerste binnenkomst op het Schengengrondgebied, evenwel op voorwaarde dat u voldoet aan de binnenkomstvoorwaarden en dat u niet het voorwerp heeft uitgemaakt van een seining door de Schengenstaat naar wiens grondgebied u zich begeeft. Indien u niet voldoet aan de binnenkomstvoorwaarden zult u echter gemachtigd kunnen worden om door te reizen naar de Schengenstaat die het D-visum heeft afgegeven.

8. De weigering om het visum af te geven

Enkel de Dienst Vreemdelingenzaken is bevoegd om deze beslissing te nemen. Ze wordt door het consulaat aan de aanvrager betekend.

Tegen deze beslissing kan een beroep worden ingediend.

U vindt de inlichtingen die betrekking hebben op de Rechtsmiddelen op het weigeringsformulier.

Uit respect voor het privé-leven van de aanvrager geven noch het consulaat, noch de FOD Buitenlandse Zaken, noch het call center van de Dienst Vreemdelingenzaken de redenen van de weigering van het visum door aan derden, zelfs indien het om de gastheer of de garant gaat. Deze redenen kunnen echter wel worden doorgegeven aan uw advocaat, indien een schriftelijke aanvraag wordt ingediend bij de Dienst Vreemdelingenzaken.

9. Zich informeren over de status van een visumaanvraag

Wend u in de eerste plaats tot het bevoegde consulaat, en respecteer daarbij de praktische regels die op de website van dit consulaat vermeld worden (telefonisch contact of contact per e-mail, openingsuren, enz.).
Raadpleeg eerst de site www.dofi.fgov.be (Hoe zit het met mijn visumaanvraag ?), indien uw aanvraag voor een beslissing werd doorgegeven aan de Dienst Vreemdelingenzaken. Door het kenmerk van uw visumaanvraag en de lokalisatie van het bevoegd consulaat in te voeren zult u informatie bekomen over de status van uw aanvraag.
Neem, indien dat nodig is, vervolgens telefonisch (+ 32 2 793 80 00) of per mail (helpdesk.dvzoe@dofi.fgov.be) contact op met het call center van de Dienst Vreemdelingenzaken.

Uit respect voor het privé-leven van de aanvrager geven noch het consulaat, noch het call center van de FOD Buitenlandse Zaken, noch het call center van de Dienst Vreemdelingenzaken de redenen van de weigering van het visum door aan derden, zelfs indien het om de gastheer of de garant gaat.

10. Verplichting die aan de au pair-jongere na zijn binnenkomst op het grondgebied wordt opgelegd

Binnen de 8 dagen na zijn binnenkomst in België biedt de au pair-jongere zich aan bij het gemeentebestuur van zijn verblijfplaats, om zijn inschrijving in het vreemdelingenregister en de afgifte van een verblijfskaart (A-kaart) aan te vragen.

Deze verblijfskaart wordt vermeld op de lijst van de door de Schengenstaten afgegeven verblijfstitels die een binnenkomst zonder visum mogelijk maken (https://sif-gid.ibz.be).  

11. Nuttige wettelijke referenties

• Wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers
• Koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers
• Wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen
• Koninklijk besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen