Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

De_zelfstandigen

De zelfstandigen


Deze pagina is gericht op de onderdanen van landen die niet tot de Europese Economische Ruimte behoren en die zich als zelfstandige in België willen vestigen (artikelen 9 en 13 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen).

1. Algemene opmerkingen
2. 
Waar moet u uw visumaanvraag indienen ?
3. 
Welke documenten moeten bij de indiening van de visumaanvraag worden overgelegd ?
4. 
In welke vorm moeten de bewijsstukken overgelegd worden?
5. 
De afgifte van het visum
6. 
De weigering om het visum af te geven 
7. 
Zich informeren over de status van een visumaanvraag
8. 
De inschrijving bij het gemeentebestuur
9. 
De familieleden
10. 
De nuttige teksten

 

1. Algemene opmerkingen

Een activiteit die niet aan de reglementering betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers (zie de pagina Het werk in loondienst) onderworpen is, wordt als een zelfstandige activiteit beschouwd.

De algemene regel is dat de buitenlandse werker die zich als zelfstandige in België wil vestigen in het bezit moet zijn van een beroepskaart, met andere woorden een machtiging van het bevoegde gewest om zelfstandige activiteiten uit te oefenen in België.

Sinds 1 januari 2015 wordt deze machtiging toegekend door het gewest. Dit is het gewest waar de economische activiteit plaatsvindt (vestigingsplaats). Zijn er meerdere vestigingsplaatsen, dan wordt de maatschappelijke zetel als criterium genomen.

De aanvraag voor een beroepskaart wordt ingediend bij de Belgische diplomatieke of consulaire post die bevoegd is voor de verblijfplaats of de plaats van oponthoud in het buitenland. Deze post geeft de aanvraag door aan het bevoegde gewest..

Indien de machtiging om in België een zelfstandige activiteit uit te oefenen toegekend wordt worden het consulaat en de werker daarvan op de hoogte gebracht door het gewest.

Na de beslissing van het gewest te hebben ontvangen biedt de werker zich opnieuw aan bij de bevoegde Belgische diplomatieke of consulaire post, om er een aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (D-visum) in te dienen.

Zodra hij in België aangekomen is, biedt hij zich aan bij het ondernemingsloket dat vermeld wordt op het aanvraagformulier voor een beroepskaart, om zijn beroepskaart af te halen.

Raadpleeg de websites van de gewesten voor alle aanvullende informatie over de beroepskaart (regels voor de indiening van de aanvraag voor een beroepskaart, vrijstellingen van de verplichting om over een beroepskaart te beschikken, enz.).

·         Vlaams Gewest (beroepskaart@vlaanderen.be)

·         Brussels-Hoofdstedelijk Gewest (contactformulier)

·         Waals Gewest (professionalcard@spw.wallonie.be)

2. Waar moet u uw visumaanvraag indienen ?

A. U dient uw visumaanvraag persoonlijk in bij de Belgische diplomatieke of consulaire post die bevoegd is voor uw verblijfplaats of plaats van oponthoud in het buitenland

Het is mogelijk dat u op voorhand een afspraak moet maken. Het is ook mogelijk dat het consulaat samenwerkt met een externe dienstverlener aan wie verschillende taken (informatie, maken van afspraak, ontvangst van de dossiers, enz.) toevertrouwd worden. In dit geval zullen bijkomende dienstverleningskosten geïnd worden.

Indien België niet aanwezig is in het land waar u verblijft, neem dan contact op met de Belgische ambassade of het Belgisch consulaat die of dat bevoegd is voor dit land. Over het algemeen bevindt deze post zich in een aangrenzend land.

AANBEVELING

Raadpleeg de website van het bevoegd consulaat voor alle inlichtingen inzake de praktische regels voor de indiening van uw visumaanvraag. Om meer te weten over de Belgische ambassade of het Belgisch consulaat die of dat bevoegd is, klik hier: http://diplomatie.belgium.be/nl/Diensten/ambassades_en_consulaten/ 

B. Indien u zich reeds in België bevindt en van plan bent om er meer dan 3 maanden te verblijven kunt u eveneens een aanvraag voor een machtiging tot verblijf indienen bij het gemeentebestuur van uw verblijfplaats in volgende gevallen:

u bent houder van een geldig C-visum

of u bent vrijgesteld van de visumverplichting voor een verblijf van niet meer dan 3 maanden, ofwel (a) omwille van uw nationaliteit (raadpleeg de lijst van derde landen  waarvan de onderdanen vrijgesteld zijn van de visumplicht), ofwel (b) omdat u houder bent van een verblijfstitel die de binnenkomst zonder visum mogelijk maakt (raadpleeg de lijst van de verblijfstitels  die door de Schengenstaten worden afgegeven), ofwel (c) omdat u houder bent van een geldig D-visum,

U overlegt de bewijsstukken die hieronder vermeld worden. (bijvoorbeeld) 

In dit geval moet u bewijzen dat u in het bezit bent van:

a) een beroepskaart of een attest dat door de bevoegde openbare dienst afgegeven wordt om u van deze verplichting vrij te stellen, of elk ander bewijs dat door de bevoegde overheden als toereikend wordt beschouwd om deze vrijstelling aan te tonen ;
b) een 
medisch getuigschrift waaruit blijkt dat u niet lijdt aan een van de ziekten die de volksgezondheid in gevaar kunnen brengen ;
c) een  
uittreksel uit het strafregister of een gelijkwaardig document, indien u ouder bent dan 18 jaar

3. Welke documenten moeten bij de indiening van de visumaanvraag worden overgelegd?

-> Tenzij u vrijgesteld bent, bewijs van volledige betaling van de retributie;

-> Een ingevuld en ondertekend visumaanvraagformulier (dubbel exemplaar);

-> Een reisdocument waarin een visum kan worden aangebracht en waarvan de geldigheidsduur langer is dan 12 maanden (bv. een paspoort);

-> een beroepskaart of een attest dat door de bevoegde openbare dienst afgegeven wordt om u van deze verplichting vrij te stellen, of elk ander bewijs dat door de bevoegde overheden als toereikend wordt beschouwd om deze vrijstelling aan te tonend) Een medisch getuigschrift dat aantoont dat de aanvrager niet lijdt aan een van de ziekten die de volksgezondheid kunnen bedreigen (dit document moet niet worden overgelegd indien u het bij de aanvraag van de arbeidskaart al heeft overgelegd);

-> Indien u ouder bent dan 18 jaar, een  uittreksel uit het strafregister of een gelijkwaardig document.

Deze documenten zijn basisdocumenten die bij de indiening van elke aanvraag voor een machtiging tot verblijf die in dit kader wordt ingediend moeten worden overgelegd. Het is mogelijk dat het consulaat van mening is dat de overlegging van aanvullende documenten en/of een onderhoud noodzakelijk zijn voor een goed onderzoek van uw aanvraag.

4. In welke vorm moeten de bewijsstukken overgelegd worden?

A. U overlegt de originele documenten en een fotokopie van deze documenten. De originelen zullen aan u worden teruggegeven.

De officiële buitenlandse documenten moeten gelegaliseerd zijn of voorzien zijn van een apostille, tenzij een verdrag een vrijstelling voorziet.

U vindt alle nuttige informatie over deze formaliteit op de website van de FOD Buitenlandse Zaken (http://diplomatie.belgium.be/nl/)

B. De buitenlandse documenten die in een andere taal dan het Duits, het Frans of het Nederlands werden opgesteld maken het voorwerp uit van een vertaling door een beëdigde vertaler die conform is aan het origineel. Deze vertaling moet gelegaliseerd worden als een afzonderlijk document, volgens de procedure die voorzien wordt in het land van herkomst, vervolgens door de bevoegde Belgische ambassade of het bevoegd Belgisch consulaat.

5. De afgifte van het visum

Enkel de Dienst Vreemdelingenzaken is bevoegd om deze beslissing te nemen. Ze wordt door het consulaat aan de aanvrager betekend.

Het visum dat aangebracht wordt in uw reisdocument is een nationaal visum voor verblijf van meer dan 3 maanden (visum D)

 

.

6. De weigering om het visum af te geven

Enkel de Dienst Vreemdelingenzaken is bevoegd om deze beslissing te nemen. Ze wordt door het consulaat aan u betekend.

Tegen deze beslissing kan een beroep worden ingediend.

U vindt de inlichtingen die betrekking hebben op de beroepsmiddelen op het weigeringsformulier.

Uit respect voor het privé-leven van de aanvrager geven noch het consulaat, noch de FOD Buitenlandse Zaken, noch het call center van de Dienst Vreemdelingenzaken de redenen van de weigering van het visum door aan derden, zelfs indien het om de gastheer of de garant gaat. Deze redenen kunnen echter wel worden doorgegeven aan uw advocaat, indien een schriftelijke aanvraag wordt ingediend bij de Dienst Vreemdelingenzaken.

7. Zich informeren over de status van een visumaanvraag

Wend u in de eerste plaats tot het bevoegde consulaat, en respecteer daarbij de praktische regels die op de website van dit consulaat vermeld worden (telefonisch contact of contact per e-mail, openingsuren, enz.).

Raadpleeg eerst de website . indien uw aanvraag voor een beslissing werd doorgegeven aan de Dienst Vreemdelingenzaken. Door het kenmerk van uw visumaanvraag en de lokalisatie van het bevoegd consulaat in te voeren zult u informatie bekomen over de status van uw aanvraag.

Neem, indien dat nodig is, vervolgens telefonisch (+ 32 2 793 80 00) of per mail (infodesk@ibz.fgov.be ) contact op met het call center van de Dienst Vreemdelingenzaken.

Uit respect voor het privé-leven van de aanvrager geven noch het consulaat, noch het call center van de FOD Buitenlandse Zaken, noch het call center van de Dienst Vreemdelingenzaken de redenen van de weigering van het visum door aan derden, zelfs indien het om de gastheer of de garant gaat.

8. De inschrijving bij het gemeentebestuur

Binnen de 8 dagen na uw aankomst in België biedt u zich bij het gemeentebestuur van uw verblijfplaats aan, om uw inschrijving in het vreemdelingenregister en de afgifte van een verblijfskaart (A-kaart) aan te vragen.

Deze verblijfskaart wordt vermeld op de lijst van de door de Schengenstaten afgegeven verblijfstitels die een binnenkomst zonder visum mogelijk maken (https://sif-gid.ibz.be/nl/Homepage.aspx)

Vergeet de verplichting niet die aan sommige categorieën van vreemdelingen wordt opgelegd om de activiteiten die ze in België zullen uitoefenen aan te geven vooraleer ze beginnen te werken. 
Raadpleeg de LIMOSA-site (
www.limosa.be) voor alle bijkomende informatie in verband met deze verplichting, of neem contact op met een LIMOSA-centrum (+ 32 2 788 51 57 – limosa@eranova.fgov.be).

9. De familieleden

Meer info met betrekking tot de te volgen procedures, de voorwaarden en de voor te leggen documenten vindt u in de rubriek Gezinshereniging.

 

10. Nuttige teksten 
(Kunnen worden geraadpleegd op de website van de Federale Overheidsdienst Justitie : http://www.just.fgov.be)

- Wet van 19 februari 1965 betreffende de uitoefening van de zelfstandige beroepsactiviteiten der vreemdelingen.
- Wet van 2 februari 2001 tot wijziging van de wet van 19 februari 1965 betreffende de uitoefening van de zelfstandige beroepsactiviteiten der vreemdelingen.
- Koninklijk besluit van 3 februari 2003 tot vrijstelling van bepaalde categorieën van vreemdelingen van de verplichting houder te zijn van een beroepskaart voor de uitoefening van een zelfstandige beroepsactiviteit.
- Wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
- Koninklijk besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.