Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

Gecombineerde vergunning

 


Opgelet: verduidelijking over de gecombineerde vergunning
Foute informatie doet de ronde.
De gecombineerde vergunning is geen regularisatie.
Het is een administratieve vereenvoudiging zodat voortaan slechts één aanvraag ingediend dient te worden om te werken en om te verblijven.
De voorwaarden voor het verblijf zijn niet gewijzigd door de gecombineerde vergunning.

 

​Inwerkingtreding: 03.01.2019

  • Omzetting van richtlijn 2011/98/EG van 13.12.2011

Vanaf 03.01.2019 moet de onderdaan van een derde land die in België meer dan 90 dagen wenst te werken, bij het bevoegde Gewest, via zijn werkgever, een gecombineerde aanvraag indienen die geldt als aanvraag voor een vergunning om te werken en als aanvraag voor een vergunning om te verblijven.  

Indien de arbeidsvergunning en de verblijfsvergunning worden toegekend, respectievelijk door het Gewest en door de Dienst Vreemdelingenzaken, ontvangt de onderdaan van een derde land één enkel document dat bewijst dat hij meer dan 90 dagen in België mag verblijven om er te werken (gecombineerde vergunning).  

Alle verblijfstitels afgegeven door België moeten vanaf 03.01.2019 een vermelding over de toegang tot de arbeidsmarkt bevatten. Er zijn drie vermeldingen:

  • « Arbeidsmarkt : beperkt »
  • « Arbeidsmarkt : onbeperkt »  
  • « Arbeidsmarkt : neen »
     
  • Bevoegde overheden

De Dienst Vreemdelingenzaken en de Gewesten behandelen de aanvragen gezamenlijk, elke overheid voor de materie die tot haar bevoegdheid behoort.

De Dienst Vreemdelingenzaken behandelt de aanvragen om te mogen verblijven.

De Gewesten behandelen de aanvragen om te mogen werken.

  • Uitsluitingen

De arbeidskaart verdwijnt niet helemaal.

Op de volgende onderdanen van een derde land blijft de reglementering over de tewerkstelling van buitenlandse werknemers immers van toepassing (arbeidskaart B of vrijstelling):

  • zij die naar België komen om er minder dan 90 dagen te werken;
  • au pair-jongeren;
  • onderzoekers met een gastovereenkomst;
  • hooggekwalificeerde werknemers (Europese blauwe kaart);
  • werknemers die binnen een onderneming zijn overgeplaatst (richtlijn 2014/66/EU van 15.05.2014);
  • seizoenarbeiders;
  • stagiairs, enkel bij het Vlaams Gewest.

De voorwaarden en de nadere regels voor het indienen van de aanvraag om te mogen werken worden vastgesteld door de Gewesten en op hun site uiteengezet.

De voorwaarden en de nadere regels voor het indienen van de aanvraag om te mogen verblijven worden vastgesteld door de Federale Staat. Ze worden op deze site uiteengezet.

  • Indiening van de één enkele aanvraag

De aanvraag om te mogen werken geldt als aanvraag voor een verblijfsvergunning.

De onderdaan van een derde land dient deze aanvraag in, via zijn werkgever, bij het bevoegde Gewest. Artikel 7 van het samenwerkingsakkoord van 02.02.2018 bepaalt de wijze waarop wordt vastgesteld welk Gewest bevoegd is voor het ontvangen en behandelen van de aanvraag voor een arbeidsvergunning.

De voorwaarden en de nadere regels voor het indienen van de aanvraag worden vastgesteld door het bevoegde Gewest en op zijn site uiteengezet.

De onderdaan van een derde land die in België mag verblijven voor een periode van niet langer dan 90 dagen, of voor een periode langer dan 90 dagen, kan zijn aanvraag indienen tijdens zijn verblijf.

  • Documenten

De gecombineerde aanvraag moet de documenten bevatten die zijn voorgeschreven door de reglementering betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers en de documenten voorgeschreven door de reglementering betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.

Voor het onderzoek van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning moet de onderdaan van een derde land de volgende inlichtingen en documenten overleggen:

  • een kopie van zijn geldig paspoort of daarmee gelijkgestelde reistitel;
  • het bewijs dat hij beschikt over toereikende bestaansmiddelen, de duur van zijn tewerkstelling als werknemer en, zo nodig, het BTW-nummer van zijn werkgever;
  • het bewijs van de betaling van de retributie (350 €);
  • een uittreksel uit het strafregister of een gelijkwaardig document, indien de onderdaan van een derde land ouder is dan 18 jaar;
  • een medisch attest;
  • het bewijs dat de onderdaan van een derde land beschikt over een ziektekostenverzekering die alle risico's in België voor hemzelf en zijn gezinsleden dekt.

Tijdens het onderzoek kan de Dienst Vreemdelingenzaken bijkomende inlichtingen en documenten eisen.

  • Ontvankelijkheid van de aanvraag

Het Gewest bevestigt de ontvangst van de aanvraag en gaat na of het dossier volledig is.

Als het dossier niet volledig is, geeft het Gewest de onderdaan van een derde land een termijn van 15 dagen om het te vervolledigen. Als de betrokkene zijn dossier niet vervolledigt binnen die termijn, verklaart het Gewest de aanvraag niet-ontvankelijk.

Als het dossier volledig is bij de indiening van de aanvraag, of binnen de termijn van 15 dagen is vervolledigd, verklaart het Gewest de aanvraag ontvankelijk.

  • Behandeltermijn van de aanvraag

De datum waarop het Gewest de aanvraag ontvankelijk verklaart is het vertrekpunt van twee termijnen.

Een eerste termijn van 15 dagen waarin het Gewest een kopie van het dossier naar de Dienst Vreemdelingenzaken moet sturen.

Een tweede termijn van 4 maanden waarin het Gewest (als het zijn beslissing niet in de eerste termijn heeft genomen) en de Dienst Vreemdelingenzaken over de aanvraag moeten beslissen. Deze tweede termijn kan door het Gewest, of door de Dienst, worden verlengd in uitzonderlijke omstandigheden die verband houden met de complexiteit van de aanvraag.

  • Beslissing

De Dienst Vreemdelingenzaken en het Gewest behandelen de aanvraag gezamenlijk en nemen een beslissing inzake de materie die tot hun bevoegdheid behoort.

De bijlagen vermeld in deze tekst zijn de bijlagen bij het koninklijk besluit van 08.10.1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.

Verscheidene gevallen zijn mogelijk.

1)     Het Gewest neemt zijn beslissing binnen de eerste termijn van 15 dagen

Indien het Gewest de arbeidsvergunning weigert, geeft het de onderdaan van een derde land en de werkgever daarvan kennis en informeert het de Dienst Vreemdelingenzaken.

Indien het Gewest de arbeidsvergunning toekent, stuurt het zijn beslissing en het dossier naar de Dienst Vreemdelingenzaken, voordat de termijn afloopt.

Indien de Dienst ook de verblijfsvergunning toekent, worden de twee beslissingen opgenomen in één enkele administratieve handeling conform bijage 46. De Dienst geeft de onderdaan van een derde land kennis van de toekenning van een gecombineerde vergunning en van de beslissingen tot toekenning van de verblijfsvergunning en de arbeidsvergunning, en informeert ook de werkgever.

De Dienst stuurt een kopie van bijlage 46 naar het gemeentebestuur of naar de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland die in de aanvraag zijn opgegeven.

Indien de Dienst de verblijfsvergunning weigert, geeft hij de onderdaan van een derde land kennis van zijn beslissing met een document conform bijlage 48. Hij informeert de werkgever en het Gewest.

2)     Het Gewest neemt geen beslissing tijdens de eerste termijn van 15 dagen

Na de eerste termijn van 15 dagen zijn zowel het Gewest als de Dienst in bezit van het volledige dossier en zetten zij gelijktijdig de behandeling van de aanvraag voort.

Het Gewest en de Dienst moeten hun beslissing nemen binnen de termijn van 4 maanden vanaf de datum waarop het Gewest de aanvraag ontvankelijk heeft verklaard. Deze termijn kan worden verlengd.

     i.           Het Gewest neemt als eerste zijn beslissing 

Indien het Gewest de arbeidsvergunning weigert, geeft het de onderdaan van een derde land kennis van zijn beslissing, en informeert het de Dienst en de werkgever.

Indien het Gewest de arbeidsvergunning toekent, stuurt het zijn beslissing door naar de Dienst.

Indien de Dienst ook de verblijfsvergunning toekent, worden de twee beslissingen opgenomen in één enkele administratieve handeling conform bijlage 46. De Dienst geeft de onderdaan van een derde land kennis van de toekenning van een gecombineerde vergunning en van de beslissingen tot toekenning van de verblijfsvergunning en arbeidsvergunning, en informeert ook de werkgever.

De Dienst stuurt een kopie van bijlage 46 naar het gemeentebestuur of naar de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland die in de aanvraag zijn opgegeven.

Indien de Dienst de verblijfsvergunning weigert, geeft hij de onderdaan van een derde land kennis van zijn beslissing met een document conform bijlage 48. Hij informeert de werkgever en het Gewest.

    ii.          De Dienst neemt als eerste zijn beslissing

Indien de Dienst de verblijfsvergunning weigert, informeert hij het Gewest alvorens de onderdaan van een derde land van zijn beslissing kennis te geven (bijlage 48), en informeert hij de werkgever.

Indien de Dienst de verblijfsvergunning weigert, stuurt hij zijn beslissing door naar het Gewest.

Indien het Gewest ook de arbeidsvergunning toekent, stuurt het zijn beslissing door naar de Dienst. De twee beslissingen worden opgenomen in één enkele administratieve handeling conform bijlage 46. De Dienst geeft de onderdaan van een derde land kennis van de toekenning van een gecombineerde vergunning en van de beslissingen tot toekenning van de verblijfsvergunning en de arbeidsvergunning, en informeert ook de werkgever.

De Dienst stuurt een kopie van bijlage 46 naar het gemeentebestuur of naar de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland die in de aanvraag zijn opgegeven.

Indien de het Gewest de arbeidsvergunning weigert, geeft het de onderdaan van een derde land en de werkgever kennis van zijn beslissing, en informeert het de Dienst.

3)     Geen enkele negatieve beslissing is genomen voor het verstrijken van de eventueel verlengde termijn van 4 maanden

Indien het Gewest en de Dienst binnen de eventueel verlengde termijn van 4 maanden geen negatieve beslissing hebben genomen, worden de verblijfsvergunning en de arbeidsvergunning geacht te zijn gegeven.

De Dienst informeert de onderdaan van een derde land met een document conform bijlage 47, en de werkgever. 

De Dienst stuurt een kopie van bijlage 47 naar het gemeentebestuur of naar de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland die in de aanvraag zijn opgegeven.

  • Gecombineerde vergunning toegekend aan een onderdaan van een derde land die in het buitenland is 

1)     Visum D

De Dienst Vreemdelingenzaken stuurt een kopie van de beslissing tot toekenning van de gecombineerde vergunning (bijlage 46), of een attest van toekenning van de gecombineerde vergunning (bijlage 47), naar de Belgische diplomatieke of consulaire post van de verblijfplaats die in de gecombineerde vergunning is opgegeven.

De post geeft onmiddellijk een visum D af aan de onderdaan van een derde land, na zijn vingerafdrukken te hebben genomen en een digitale pasfoto te hebben gemaakt, en op overlegging van een geldig paspoort en van bijlage 46 of 47, waarvan is kennisgegeven door de Dienst. Het document overgelegd door de onderdaan van een derde land moet in elk opzicht overeenstemmen met de kopie van de beslissing die door de Dienst naar de post is gestuurd.

De nationale vermelding B34  (Permis unique / Gecombineerde vergunning) wordt op het visum aangebracht.

2)     Afgifte van de gecombineerde vergunning

De onderdaan van een derde land moet zijn inschrijving in het vreemdelingenregister van de plaats waar hij verblijft en de afgifte van een gecombineerde vergunning aanvragen binnen 8 werkdagen na zijn aankomst in België. Hij legt zijn paspoort over, bijlage 46 of 47, en ook de twee documenten die opgestuurd zijn door de Dienst Vreemdelingenzaken met de bijlage (beslissing tot arbeidsvergunning of arbeidsattest en beslissing tot verblijfsvergunning of verblijfsattest). 

In afwachting van de woonstcontrole en de afgifte van de gecombineerde vergunning, overhandigt het gemeentebestuur de onderdaan van een derde land onmiddellijk een document tot bewijs dat hij zich heeft aangemeld (bijlage 49). Dit document dekt voorlopig het verblijf van de betrokkene gedurende 45 dagen en kan twee keer worden verlengd met dezelfde duur (2 x 45 dagen).

Indien de uitslag van de woonstcontrole positief is, geeft het gemeentebestuur één enkel document af waarmee de onderdaan van een derde land meer dan 90 dagen in België mag werken en verblijven (gecombineerde vergunning). Dit document neemt de vorm van een A-kaart aan, met een vermelding over de toegang tot de arbeidsmarkt. 

3)     Gezinsleden

De echtgenoot, de partner, en de kinderen van de onderdaan van een derde land mogen hem vergezellen of zich bij hem voegen mits zij voldoen aan de voorwaarden voor een gezinshereniging. 

Wanneer de gezinscel al is gevormd op het ogenblik dat de gecombineerde vergunning wordt toegekend, kunnen de gezinsleden hun visum tegelijkertijd met de onderdaan van een derde land aanvragen.

Als zij zijn vrijgesteld van het visum voor een verblijf van niet langer dan 90 dagen, mogen de gezinsleden hun aanvraag ook in België indienen. 

De voorwaarden en de nadere regels voor het indienen van een aanvraag voor een visum of een verblijf met het oog op gezinshereniging worden op deze site uiteengezet.

  • Gecombineerde vergunning toegekend aan een onderdaan van een derde land die in België is

De Dienst Vreemdelingenzaken stuurt de beslissing tot toekenning van een gecombineerde vergunning (bijlage 46), of het bewijs van toekenning van de gecombineerde vergunning (bijlage 47) naar de onderdaan van een derde land, en een kopie naar het gemeentebestuur van de verblijfplaats die in de één enkele aanvraag is opgegeven.

De onderdaan van een derde land moet zijn inschrijving in het vreemdelingenregister en de afgifte van een gecombineerde vergunning aanvragen binnen 8 werkdagen na de ontvangst van bijlage 46 of 47. Hij legt zijn paspoort over, bijlage 46 of 47, en de twee documenten die door de Dienst met de bijlage worden meegestuurd (beslissing tot toekenning van de arbeidsvergunning of arbeidsattest, en beslissing tot toekenning van de verblijfsvergunning of verblijfsattest). 

Het document overgelegd door de onderdaan van een derde land moet in elk opzicht overeenstemmen met de kopie van de beslissing die door de Dienst naar de post is gestuurd.

Indien de uitslag van de woonstcontrole positief is, geeft het gemeentebestuur één enkel document af waarmee de onderdaan van een derde land meer dan 90 dagen in België mag werken en verblijven (gecombineerde vergunning). Dit document dekt voorlopig het verblijf van de betrokkene gedurende 45 dagen en kan twee keer worden verlengd met dezelfde duur (2 x 45 dagen).

Als de onderdaan van een derde land in het bezit is van een verblijfsdocument of -titel, geeft hij die terug bij de afgifte van bijlage 49.

Indien de uitslag van de woonstcontrole positief is, geeft het gemeentebestuur één enkel document af waarmee de onderdaan van een derde land meer dan 90 dagen in België mag werken en verblijven (gecombineerde vergunning). Dit document neemt de vorm van een A-kaart aan, met een vermelding over de toegang tot de arbeidsmarkt.

  • Verlenging van de gecombineerde vergunning

Verscheidene gevallen zijn mogelijk.

1)     De verblijfsvergunning en de arbeidsvergunning zijn toegekend voor een beperkte duur

De onderdaan van een derde land moet de verlenging van de toegekende arbeidsvergunning voor een beperkte tijd aanvragen bij het bevoegde Gewest, via zijn werkgever, ten laatste twee maanden voor het verstrijken van de gecombineerde vergunning (A-kaart). Deze aanvraag geldt als aanvraag voor verlenging van de verblijfsvergunning.

Indien het Gewest en de Dienst geen beslissing hebben genomen voordat de gecombineerde vergunning afloopt, overhandigt het gemeentebestuur de onderdaan van een derde land een document tot bewijs dat hij zich heeft aangemeld (bijlage 49), mits hij een door het Gewest afgegeven document overlegt tot bewijs dat zijn aanvraag voor verlenging ontvankelijk en volledig is.

Dit document dekt voorlopig het verblijf van de betrokkene gedurende 30 dagen en kan twee keer met dezelfde duur worden verlengd (2 x 30 dagen). Het staat de betrokkene echter niet toe te werken. (« Arbeidsmarkt: neen »).

2)     De verblijfsvergunning wordt toegekend voor een beperkte duur en de arbeidsvergunning voor een onbeperkte duur.

De verblijfsvergunning toegekend door de Dienst Vreemdelingenzaken blijft beperkt gedurende 5 jaar. Als dus het Gewest een arbeidsvergunning voor een onbeperkte duur binnen deze termijn van 5 jaar toekent, moet de onderdaan van een derde land enkel de verlenging van zijn verblijfsvergunning aanvragen.

De verlenging van de verblijfsvergunning wordt aangevraagd bij het gemeentebestuur van de verblijfplaats, ten laatste twee maanden voor de vervaldag van de gecombineerde vergunning.

Het gemeentebestuur geeft een document af tot bewijs van de indiening van zijn aanvraag en tot voorlopige dekking van zijn verblijf (bijlage 50), mits de onderdaan van een derde land de volgende inlichtingen en documenten overlegt:

  • een kopie van zijn geldig paspoort of daarmee gelijkgestelde reistitel;
  • het bewijs dat hij toereikende bestaansmiddelen heeft, de duur van zijn tewerkstelling als werknemer en, zo nodig, het BTW-nummer van zijn werkgever;  
  • het bewijs dat hij een ziektekostenverzekering heeft die alle risico's in België voor hemzelf en zijn gezinsleden dekt;
  • de beslissing van het Gewest dat hij voor een onbeperkte duur mag werken.

De geldigheidsduur van bijlage 50 is 30 dagen en kan twee keer met dezelfde duur worden verlengd (2 x 30 dagen).  

Het gemeentebestuur stuurt de aanvraag en de documenten door naar de Dienst die zijn beslissing neemt binnen een, eventueel verlengde, termijn van 4 maanden. 

Indien de onderdaan van een derde land niet de inlichtingen en documenten overlegt, neemt het gemeentebestuur zijn aanvraag voor verlenging niet in aanmerking en geeft het van zijn beslissing kennis met een bijlage 41.  Het stuurt vervolgens een kopie naar de Dienst.

Wanneer de Dienst de verblijfsvergunning voor een beperkte of onbeperkte duur verlengt, stuurt hij zijn beslissing door naar het gemeentebestuur, dat de onderdaan van een derde land ervan kennisgeeft (bijage 46). Het gemeentebestuur overhandigt de betrokkene een gecombineerde vergunning van beperkte duur (A-kaart) of onbeperkte duur (B-kaart), al naar het geval, met een vermelding over de toegang tot de arbeidsmarkt (onbeperkt).

Wanneer de Dienst Vreemdelingenzaken geen negatieve beslissing heeft genomen binnen de eventueel verlengde termijn van 4 maanden, stuurt hij zijn beslissing door naar het gemeentebestuur, dat de onderdaan van een derde land ervan kennisgeeft (bijage 47). Het gemeentebestuur overhandigt de betrokkene een gecombineerde vergunning van beperkte duur (A-kaart) of onbeperkte duur (B-kaart), al naar het geval, met een vermelding over de toegang tot de arbeidsmarkt (onbeperkt).

Wanneer de Dienst weigert de verblijfsvergunning te verlengen, geeft hij de onderdaan van een derde land kennis van zijn beslissing met een document conform bijlage 48.

  • Verblijfsvergunning toegekend voor een onbeperkte duur

De verblijfsvergunning wordt toegekend voor een beperkte duur van 5 jaar. Bij het verstrijken van die periode van 5 jaar wordt de verblijfsvergunning verlengd en wordt ze van onbeperkte duur, mits de onderdaan van een derde land:

  • nog steeds voldoet aan de voorwaarden van tewerkstelling;
  • zich niet bevindt in een van de gevallen vermeld in artikel 3, 5° tot 10°, van de wet;
  • geen belasting is voor de sociale bijstand in België;
  • niet verblijft met andere doeleinden dan die waarom hij de verblijfsvergunning kreeg. 

De onderdaan van een derde land die voor een onbeperkte periode mag verblijven ontvangt een B-kaart, met een vermelding over de toegang tot de arbeidsmarkt. 

De gecombineerde vergunning die bewijst dat de onderdaan van een derde land voor een onbeperkte duur mag verblijven, wordt voor 5 jaar verlengd door het gemeentebestuur van de verblijfplaats.

  • Beëindiging van een verblijfsvergunning toegekend voor een beperkte duur           

De Dienst Vreemdelingenzaken kan het verblijf van een onderdaan van een derde land beëindigen om de volgende redenen:

  • hij bevindt zich in een van de gevallen vermeld in artikel 3, 5° tot 10°, van de wet;
  • hij is een belasting is voor de sociale bijstand in België;
  • hij verblijft met andere doeleinden dan die waarom hij de verblijfsvergunning kreeg. 

Van deze beslissing wordt door de Dienst kennisgegeven met een document conform bijlage 52.

Wanneer de DVZ een einde maakt aan het verblijf, vervalt de arbeidsvergunning van rechtswege. De arbeidsvergunning is immers alleen geldig indien een verblijfsvergunning is toegekend.  

  • Beëindiging van een arbeidsvergunning toegekend voor een beperkte duur

Indien het Gewest de arbeidsvergunning beëindigt, loopt de verblijfsvergunning van rechtswege af 90 dagen na het einde van de arbeidsvergunning, tenzij de DVZ beslist ze eerder te beëindigen. De verblijfsvergunning is immers alleen geldig indien een arbeidsvergunning is toegekend. 

Indien de gecombineerde vergunning vervalt tijdens de periode van 90 dagen, overhandigt het gemeentebestuur de onderdaan van een derde land een voorlopig verblijfsdocument conform bijlage 51. Dit document geeft geen toegang tot de arbeidsmarkt.

De gezinsleden ontvangen hetzelfde document, met dezelfde geldigheidsduur.  

  • Basisteksten 
  • Richtlijn 2011/98/EU van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 2011 betreffende één enkele aanvraagprocedure voor een gecombineerde vergunning voor onderdanen van derde landen om te verblijven en te werken op het grondgebied van een lidstaat, alsmede inzake een gemeenschappelijk pakket rechten voor werknemers uit derde landen die legaal in een lidstaat verblijven.
  • Samenwerkingsakkoord van 2 februari 2018 tussen tussen de Federale Staat, het Waals Gewest, het Vlaams Gewest, het Brussels-Hoofdstedelijk Gewest en de Duitstalige Gemeenschap met betrekking tot de coördinatie tussen het beleid inzake de toelatingen tot arbeid en het beleid inzake de verblijfsvergunningen en inzake de normen betreffende de tewerkstelling en het verblijf van buitenlandse arbeidskrachten.
  • Wet van 22.07.2018 tot wijziging van de wet van 15.12.1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
  • Koninklijk besluit van 12.11.2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 08.10.1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
  • Externe links 
  • Interne links