Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
 
Beroep instellen tegen een beslissing van de Dienst Vreemdelingenzaken

2018-03-13

 Indien uw visumaanvraag gezinshereniging geweigerd werd, is het in bepaalde gevallen mogelijk de Dienst Vreemdelingenzaken te verzoeken deze beslissing bij wijze van gunst te herzien.

De volgende drie situaties komen in aanmerking voor een eventuele herziening:

  • De aanvrager had een huurcontract voorgelegd bij de indiening van de visumaanvraag, maar niet het bewijs dat dit huurcontract geregistreerd was (ongeacht of de registratie al dan niet na de visumbeslissing gebeurd is);
  • De aanvrager had een attest van het ziekenfonds voorgelegd bij de indiening van de visumaanvraag, maar dit was niet in de vereiste vorm;
  • De aanvrager is een minderjarige die alleen reist en waarbij geen ouderlijke toestemming voorgelegd werd.

Het verzoek tot herziening dient binnen de drie maanden na de weigeringsbeslissing te worden ingediend via het adres: gh.visa@ibz.fgov.be, voorzien van de nodige bewijsstukken.

Opgelet: De herziening van de beslissing blijft een gunst. De Dienst Vreemdelingenzaken behoudt zicht bijgevolg het recht voor hierop niet in te gaan.

 

U kunt de schorsing van de tenuitvoerlegging van een beslissing en/of de nietigverklaring van een beslissing vragen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen krachtens de artikelen 39/82 en 39/2, § 2, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.

In het opschrift van het verzoekschrift vermeldt u dat u indient: 

  • een beroep tot nietigverklaring, of 
  • een vordering tot schorsing en een beroep tot nietigverklaring.
    Als u niet vermeldt dat u een vordering tot schorsing en een beroep tot nietigverklaring indient, gaat de Raad ervan uit dat u alleen een beroep tot nietigverklaring indient (artikel 39/82, § 3).

Als u de schorsing van de tenuitvoerlegging van de beslissing vraagt, moet u kiezen tussen een schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid of een gewone schorsing.

De vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring moeten in één en dezelfde akte worden ingediend, behalve bij uiterst dringende noodzakelijkheid.

Onverminderd de andere wettelijke en reglementaire regels, worden de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring ingediend door middel van een verzoekschrift binnen 30 dagen na de kennisgeving van de beslissing (artikel 39/57).

Dit verzoekschrift moet voldoen aan de vereisten bepaald in artikel 39/78 van de wet en artikel 32 van de procedureregeling van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.

De vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring worden ingediend bij aangetekende brief aan de Eerste Voorzitter van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, Gaucheretstraat 92-94, 1030 Brussel, onder voorbehoud van de afwijkingen bepaald in artikel 3, § 1, 2e en 4e lid, van de procedureregeling.

Behoudens bij toepassing van artikel 39/79 van de wet van 15 december 1980, heeft de indiening van een beroep tot nietigverklaring en een vordering tot schorsing niet tot gevolg dat de uitvoering van deze maatregel wordt geschorst