Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

Procedure internationale bescherming

Procedure internationale bescherming


​Algemeen verloop van de procedure om internationale bescherming.

In het kader van deze procedure wordt door de bevoegde instanties onderzocht of u in aanmerking komt tot het verkrijgen van de status van vluchteling, of het statuut van subsidiaire bescherming. In het kader van deze procedure kunnen vier instanties tussenbeide komen :

1)  De Dienst Vreemdelingenzaken - http://www.dofi.ibz.be

De Dienst Vreemdelingenzaken is de instantie die bevoegd is voor de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen.
De Dienst Vreemdelingenzaken staat in voor de registratie van het verzoek om internationale bescherming en verifieert of België de Lidstaat is die verantwoordelijk is voor het onderzoek van het verzoek.

2)  Het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen  - http://www.cgvs.be

Het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen is de instantie die uw verzoek om internationale bescherming zal onderzoeken en over dit verzoek een beslissing neemt.

3)  De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - http://www.cce-rvv.be

De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen is bevoegd om kennis te nemen van de beroepen tegen de beslissingen die genomen worden door de Dienst Vreemdelingenzaken en het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen.

4)  De Raad van State - http://www.raadvst-consetat.be

De Raad van State is een administratief rechtscollege waarbij een cassatieberoep kan worden ingediend tegen een arrest van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen en een arrest velt over deze cassatieberoepen.
 
De opvang van verzoekers om internationale bescherming valt sinds mei 2002 onder de bevoegdheid van het Federaal Agentschap voor de opvang van asielzoekers (FEDASIL).  Voor meer inlichtingen kunt u de website van Fedasil raadplegen – http://www.fedasil.be

Registratie van een verzoek om internationale bescherming

Indien u een verzoek om internationale bescherming wil doen, dient u zich te melden bij de Dienst Vreemdelingenzaken. Vanaf dat moment bent u gebonden aan de medewerkingsplicht.
U wordt daarbij gevraagd de volgende inlichtingen te verstrekken :

1) Uw volledige identiteit (naam, voornaam, datum en plaats van geboorte, nationaliteit)

2)  Uw identiteitsdocumenten en elk ander document waarover u beschikt en waarmee u uw identiteit kunt bewijzen. De Dienst Vreemdelingenzaken zal deze identiteitsdocumenten in bewaring nemen voor de duur van uw procedure.

3)  De datum van uw aankomst in België

4)  Uw adres of uw wens om opvang te krijgen

5)  Uw wens om al dan niet door een tolk te worden bijgestaan en de taal waarin u gehoord wil worden

6)  U wordt gefotografeerd en uw vingerafdrukken worden genomen
De registratie van de vingerafdrukken stelt de Dienst Vreemdelingenzaken in staat om na te gaan of België, al dan niet een andere Lidstaat, verantwoordelijk is voor de verdere behandeling van uw verzoek om internationale bescherming en dit in toepassing van de Verordening (EG) nr. 604/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 tot vaststelling van de criteria en instrumenten om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van een verzoek om internationale bescherming dat door een onderdaan van een derde land bij een van de Lidstaten wordt gedaan ondertekend heeft.
De foto wordt gebruikt voor het opstellen van het bewijs van aanmelding dat bevestigt dat u in België een verzoek om internationale bescherming gedaan heeft.

7)  Er zal een medische screening gebeuren. Daarbij zal ook een röntgenfoto van uw longen worden genomen, om na te gaan of u aan tuberculose lijdt. Er wordt een röntgenfoto van uw borstkas genomen en deze foto wordt gestuurd naar de Vlaamse Vereniging voor Respiratoire Gezondheidszorg en Tuberculosebestrijding (VRGT) of Fonds des Affections Respiratoires (FARES), die zich ervan vergewist dat u geen drager bent van de ziekte.

In de loop van de procedure die zal volgen, zal u in principe meermaals gehoord worden, zodat de instanties zich een concreet beeld te vormen van uw persoonlijke situatie en de redenen van uw verzoek. Het is erg belangrijk dat elke verzoeker zo precies mogelijk zijn verhaal kan vertellen en aan deze procedure kan deelnemen, zodat er nadien een correcte en efficiënte beoordeling van het verzoek om internationale bescherming kan gebeuren.

De ambtenaar van de Dienst Vreemdelingenzaken zal eerst met u een vragenlijst invullen om na te gaan of er bijzondere omstandigheden zijn, die het u moeilijk of zelfs onmogelijk maken om op volwaardige wijze aan de procedure deel te nemen. Deze vragenlijst peilt dus niet naar de motieven die aan de basis liggen van uw verzoek om internationale bescherming.

De antwoorden die u geeft op deze vragen, helpen om vast te stellen of u bijzondere bijstand nodig heeft tijdens de procedure om, net als andere verzoekers, uw relaas nauwkeurig en volledig uiteen te zetten en te kunnen onderbouwen met eventuele bewijsstukken.

Het is van het grootste belang dat u volledig meewerkt bij het invullen van deze vragenlijst en dat u alle elementen ter staving van dergelijke noden (zoals bv. medische attesten) zo snel mogelijk voorlegt.

U hebt steeds de mogelijkheid om, op elk ogenblik in de procedure, nog informatie te bezorgen.

Nadat uw verzoek om internationale bescherming geregistreerd werd, zal u een bewijs van aanmelding overhandigd worden. U zal dan uitgenodigd worden uw aanvraag op een later tijdstip bij de Dienst Vreemdelingenzaken te komen indienen.

Indienen van een verzoek om internationale bescherming

U dient zich vervolgens op de datum van oproeping persoonlijk aan te bieden bij de Dienst Vreemdelingenzaken voor het daadwerkelijk indienen van uw verzoek om internationale bescherming.

U wordt daarbij geacht woonplaats te kiezen in België. Dit betekent dat u een adres opgeeft waar de Dienst Vreemdelingenzaken en het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen alle briefwisseling in verband met uw verzoek om internationale bescherming (oproepingen, vragen om inlichtingen, enz.) naartoe zullen sturen.

Indien u geen adres opgeeft zal het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen automatisch als uw gekozen woonplaats worden beschouwd. In dat geval zal het adres van de gekozen woonplaats het volgende zijn: Koning Albert II-laan, 26 A te 1000 Brussel. Alle documenten/beslissingen  van de Dienst Vreemdelingenzaken en het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen worden naar dit adres gestuurd. In dit geval moet u de naar u gestuurde briefwisseling op het bovengenoemde adres afhalen.

Het is belangrijk dat u zelf het adres kiest waarnaar de documenten moeten worden gestuurd, een adres waarvan u zeker bent dat u er naartoe zult gaan en er de naar u gestuurde post in ontvangst zal nemen.

Elke wijziging van woonplaatskeuze moet per aangetekende brief worden meegedeeld aan de Dienst Vreemdelingenzaken EN het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen. Hiervoor is een speciaal formulier voorzien  (www.cgvs.be/nl/Formulieren).

Daarnaast zal bij indiening ook de proceduretaal vastgesteld worden, met name de taal waarin de gehele procedure zal verlopen. In België is dit het Frans of het Nederlands.

Indien u (bij een eerste verzoek) het Nederlands of het Frans beheerst, kunt u een van die talen als taal voor het gehoor kiezen. Deze taal wordt dan de taal van de procedure .

Indien het Frans of het Nederlands onvoldoende machtig bent en u bij het gehoor wenst door een tolk te worden bijgestaan, zal de Dienst Vreemdelingenzaken de taal van de procedure vaststellen (het Frans of het Nederlands) in functie van de behoeften van de diensten en instanties. Tegen deze beslissing kan geen afzonderlijk beroep worden ingediend.

Bij een volgend verzoek wordt de proceduretaal van het vorig verzoek behouden.

Indien u op het moment van indiening (of later in de procedure) nog identiteitsdocumenten aanbrengt, zullen ook deze nog door de Dienst Vreemdelingenzaken (of indien later in de procedure door het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en staatlozen) in bewaring worden genomen.

U zal tenslotte eveneens een bijlage 26 (bij een eerste verzoek) of een bijlage 26quinquies (bij een volgend verzoek) ontvangen, als bewijs van indiening van uw verzoek om internationale bescherming; alsook een uitnodiging om gehoord te worden.

Indien het verzoek echter niet op de aangewezen datum wordt ingediend, zal dit verzoek van rechtswege vervallen.

Wat moet u doen indien u op de door de Dienst Vreemdelingenzaken vastgelegde dag niet aanwezig kunt zijn voor het gehoor ?

Indien u niet aanwezig kan zijn op de voorziene datum moet dit zo snel mogelijk worden meegedeeld aan de Dienst Vreemdelingenzaken. De motieven die u aanhaalt moeten gegrond zijn (in geval van ziekte moet bijvoorbeeld een medisch getuigschrift worden voorgelegd).

Wat gebeurt er indien België niet verantwoordelijk is voor het onderzoek van uw verzoek om internationale bescherming ?

Het gehoor bij de Dienst Vreemdelingenzaken is er in de eerste plaats op gericht om te bepalen of België verantwoordelijk is voor de behandeling van uw verzoek om internationale bescherming, op basis van de Verordening (EG) nr. 604/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 tot vaststelling van de criteria en instrumenten om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van een verzoek om internationale bescherming dat door een onderdaan van een derde land bij een van de Lidstaten wordt gedaan.

Indien België niet verantwoordelijk is voor de behandeling van uw verzoek om internationale bescherming, maar wel een ander land van de Europese Unie, alsook Noorwegen, IJsland , Zwitserland en Liechtenstein, wordt een beslissing tot weigering van verblijf met bevel om het grondgebied te verlaten betekend.

U wordt daarbij verder doorverwezen naar Cel SEFOR voor de verdere praktische afspraken met betrekking tot uw overdracht aan de autoriteiten van de Lidstaat die op basis van de Dublin-III-Verordening verantwoordelijk is voor de behandeling van uw verzoek om internationale bescherming.

Lees meer in de Dublin-Leaflets
 

Wat gebeurt er indien België verantwoordelijk is voor het onderzoek van uw asielaanvraag ?

Als België verantwoordelijk blijkt voor de behandeling van uw verzoek zal de  Dienst Vreemdelingenzaken het dossier, na het gehoor, overmaken aan het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen, die uw verzoek om internationale bescherming zal onderzoeken.
 

Wat gebeurt er wanneer u een nieuw verzoek om internationale bescherming indient nadat een eerste verzoek om internationale bescherming met een negatief resultaat werd afgesloten (= volgend verzoek)?

Indien u al op zijn minst voor de tweede keer een verzoek om internationale bescherming indient in België, neemt een ambtenaar van de Dienst Vreemdelingenzaken, in voorkomend geval met de hulp van een tolk, uw verklaringen af in verband met de nieuwe elementen die de kans dat u aanspraak kan maken op erkenning als vluchteling of subsidiaire bescherming aanzienlijk groter maken, evenals de redenen waarom u deze elementen niet vroeger kon voorleggen.

De Commissaris-generaal zal op basis van de elementen die u aan de Dienst Vreemdelingenzaken heeft voorgelegd, uw verzoek beoordelen.

Vasthouding in een welbepaalde plaats ?

In bepaalde gevallen die door de wet voorzien worden kan de Dienst Vreemdelingenzaken beslissen om u in een welbepaalde plaats (gesloten centrum/woonunit) vast te houden.

In geval van vasthouding beschikt u elke maand over de mogelijkheid om uw vasthouding te betwisten bij de Raadkamer van de Correctionele Rechtbank, door een verzoek tot invrijheidstelling in te dienen. Dit verzoek moet volgens specifieke juridische regels worden opgesteld.

Aanbieding bij het gemeentebestuur

Indien het om een eerste verzoek om internationale bescherming gaat, moet u zich binnen een periode van acht werkdagen, na indiening van uw verzoek, aanbieden bij het gemeentebestuur van uw hoofdverblijfplaats. De gemeente is bevoegd om een attest van immatriculatie (model A), dat vanaf de datum van afgifte 3 maanden geldig is en verlengd kan worden, aan u af te geven.

Indien het om een volgend verzoek gaat, wordt u in het bezit gesteld van een bijlage 26quinquies. Deze bijlage wordt door de Dienst Vreemdelingenzaken verlengd totdat er een definitieve beslissing genomen werd inzake uw verzoek. Indien uw aanvraag ontvankelijk wordt verklaard, geeft de Dienst Vreemdelingenzaken aan het gemeentebestuur de instructie om een attest van immatriculatie, dat vanaf de datum van afgifte 3 maanden geldig is, af te geven. Het attest van immatriculatie wordt verlengd tot er een definitieve beslissing werd genomen inzake uw verzoek.
 

Indien de Commissaris-generaal voor Vluchtelingen en Staatlozen of de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen de vluchtelingenstatus aan u toekent

Indien de Commissaris-generaal voor Vluchtelingen en de Staatlozen of de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen de vluchtelingenstatus aan u toekent, zal u in het bezit gesteld worden van een vluchtelingenattest. Met dit attest dient u zich te melden bij het gemeentebestuur, dat u in het bezit zal stellen van een A-kaart (beperkt verblijf).  Na 5 jaar, te rekenen vanaf de indiening van het verzoek, en tenzij de hoedanigheid van vluchteling in tussentijd ingetrokken werd, komt u in aanmerking tot het verkrijgen van een B-kaart (onbeperkt verblijf).

De overgang van de A kaart naar de B kaart zal gebeuren op instructie van de Dienst Vreemdelingenzaken.

Het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen beschikt op elk moment over de mogelijkheid om een heronderzoek te starten.
 

Indien de Commissaris-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen of de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen de subsidiaire bescherming aan u toekent

Indien de Commissaris-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen of de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen de subsidiaire bescherming aan u heeft toegekend, zal de Dienst Vreemdelingenzaken het gemeentebestuur van uw hoofdverblijfplaats in België de instructie geven  een A-kaart (beperkt verblijf) af te leveren. Nadat een periode van vijf jaar, vanaf de datum van indiening van de asielaanvraag, komt u, behoudend andersluidend advies, in aanmerking tot het verkrijgen van een B-kaart (onbeperkt verblijf).

De overgang van de A kaart naar de B kaart zal gebeuren op instructie van de Dienst Vreemdelingenzaken.

Het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen beschikt op elk moment over de mogelijkheid om een heronderzoek te starten.

Bevel om het grondgebied te verlaten

Nadat uw verzoek definitief werd afgewezen (uitgezonderd wanneer u legaal verblijf heeft in België), zal u van de Dienst Vreemdelingenzaken een bevel om het grondgebied te verlaten ontvangen.  Dit bevel om het grondgebied te verlaten wordt per aangetekende brief naar uw gekozen woonplaats verstuurd.

 

Procedure teruggave identiteitsdocumenten

Indien u uw identiteitsdocumenten die u in het kader van een aanvraag van internationale bescherming bij de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) of het Commissariaat-generaal voor Vluchtelingen en Staatlozen (CGVS) heeft afgegeven, wenst terug te krijgen, dient u volgende procedure te volgen :

  • U dient een afspraak te maken om uw documenten terug te krijgen door een e-mail naar bur_cid01@ibz.fgov.be te sturen in één van de drie landstalen of in het Engels te zenden waarin u aanvraagt om deze documenten (al dan niet alsook voor uw familieleden) terug te krijgen;

  • In deze mail moet duidelijk vermeld staan waarom u deze documenten terugvraagt, vergezeld van de nodige bewijsstukken.:

  • Opgelet : Indien u een beschermingsstatuut gekregen heeft, zullen de documenten rechtstreeks aangevraagd dienen te worden bij het CGVS; gelieve uw aanvraag dan te sturen naar Cgra-cgvs.IDdoc@ibz.fgov.be . De documenten zullen dan op afspraak door deze dienst teruggegeven worden (op uitzondering van het nationaal paspoort indien het om een erkenning als vluchteling betreft).

  • Als u geen gegronde reden kan opgeven waarom u de documenten nodig heeft, zullen de documenten NIET teruggegeven worden. Zo dit het geval is, zal u hiervan schriftelijk op de hoogte worden gesteld.

Als u de documenten kunt komen terughalen, zal u van DVZ een uitnodiging ontvangen, welke de dag en uur aanduiden wanneer u zich kunt aanbieden bij DVZ. Het is onnodig u bij DVZ aan te bieden zo lang u deze uitnodiging niet heeft ontvangen.

Elke volwassene dient zich persoonlijk aan te bieden, want deze dient een ontvangstbewijs te ondertekenen. De documenten van de begeleide minderjarige kinderen worden aan de ouders meegegeven. In geval van documenten van een niet-begeleide minderjarige, kan de NBMV samen met zijn / haar voogd deze documenten recupereren of kan de voogd alleen deze documenten afhalen. Gelieve steeds een kopie van uw uitnodiging bij te hebben.

Bijkomende vragen over de procedure kunnen naar bur_cid01@ibz.fgov.be gezonden worden