Een verblijf verlengen

Verblijfsvoorwaarden en documenten die samen met een aanvraag tot verlenging van een verblijfskaart moeten worden voorgelegd

 

Machtiging tot verblijf toegekend aan een vreemdeling die zich in België bevindt

De verblijfsvoorwaarden en de documenten die samen met de aanvraag tot verlenging van de verblijfskaart moeten worden voorgelegd worden in de beslissing van de Dienst Vreemdelingenzaken vermeld.  Deze beslissing wordt door het gemeentebestuur van de verblijfplaats aan de vreemdeling betekend.

Machtiging tot verblijf toegekend aan een vreemdeling die zich in het buitenland bevindt (visum D)

De nationale vermelding [B + cijfer] in de zone « Opmerkingen » van het visum D verschaft informatie over de verblijfsvoorwaarden en de documenten die samen met de eerste aanvraag tot verlenging van de verblijfskaart moeten worden voorgelegd. Deze kaart wordt na voorlegging van het visum D afgegeven.

De algemene regel is dat de verblijfsvoorwaarden en de documenten die samen met de volgende aanvragen tot verlenging moeten worden voorgelegd vermeld worden in de beslissing van de Dienst Vreemdelingenzaken die de vreemdeling machtigt om zijn verblijf te verlengen. Deze beslissing wordt door het gemeentebestuur van de verblijfplaats aan de vreemdeling betekend.

Nationale vermeldingen (visum D)

B7 Machtiging tot verblijf strikt beperkt tot de duur van de uitwisseling + duur van de uitwisseling (Uitwisseling van studenten) - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980

Geen verlenging van de verblijfskaart, omdat de duur van de machtiging tot verblijf strikt beperkt is.

B8 Machtiging tot verblijf strikt beperkt tot de duur van de opleiding aan een privé-instelling voor hoger onderwijs + naam van de onderwijsinstelling - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980 

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij de eindexamens heeft afgelegd (attest opgesteld door de privé-instelling voor hoger onderwijs waarvoor het visum D werd toegekend);
  • bewijs dat hij in de hoedanigheid van regelmatige student ingeschreven is voor het volgende academiejaar (attest van inschrijving opgesteld door de privé-instelling voor hoger onderwijs waarvoor het visum D werd toegekend);
  • bewijs dat hij over voldoende bestaansmiddelen beschikt.;
  • bewijs dat hij over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België dekt;
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).

Anderzijds mag de vreemdeling zijn studies niet op overdreven wijze verlengen. [Wet van 15/12/1980, artikel 61/1/4. §2, 6°)

B9 Machtiging tot verblijf beperkt tot de duur van het schooljaar - Secundair onderwijs - Artikelen 9 en 13 van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij de eindexamens heeft afgelegd (attest opgesteld door de instelling voor secundair onderwijs waarvoor het visum D werd toegekend);
  • bewijs dat hij in de hoedanigheid van regelmatige student ingeschreven is voor het volgende academiejaar (attest van inschrijving opgesteld door de instelling voor secundair onderwijs waarvoor het visum D werd toegekend);
  • bewijs dat hij over voldoende bestaansmiddelen beschikt.;
  • bewijs dat hij over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België dekt;
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister, indien hij 18 jaar of ouder is).

B10 Gezinshereniging - Art. 10bis. §1 van de wet van 15/12/1980 - Verblijf beperkt tot de duur van de studies van de gezinshereniger

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister, indien hij 18 jaar of ouder is).
  • bewijs van de inspanningen om zich in de Belgische samenleving te integreren;
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over stabiele, regelmatige en voldoende bestaansmiddelen beschikt;
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over voldoende huisvesting beschikt (indien hij sinds de toekenning van het visum D verhuisd is);
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België voor de houder van de verblijfskaart en voor hemzelf dekt.

Anderzijds moet de vreemdeling effectief samenwonen met de vervoegde vreemdeling (positief samenwoonstonderzoek   uitgevoerd door de bevoegde gemeentelijke overheden).

B11 Gezinshereniging - Art. 10. §1, 4° tot 6° van de wet van 15/12/1980 - Gezinshereniger toegelaten of gemachtigd tot een verblijf van onbeperkte duur in België

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister, indien hij 18 jaar of ouder is);
  • bewijs van de inspanningen om zich in de Belgische samenleving te integreren, indien hij aan deze verplichting onderworpen is;
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over stabiele, regelmatige en voldoende bestaansmiddelen beschikt, tenzij hij is vrijgesteld;
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over voldoende huisvesting beschikt (indien hij sinds de toekenning van het visum D verhuisd is);
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België voor de houder van de verblijfskaart en voor hemzelf dekt.

Anderzijds moet de vreemdeling effectief samenwonen met de vervoegde vreemdeling (positief samenwoonstonderzoek   uitgevoerd door de bevoegde gemeentelijke overheden).

B12 Machtiging tot verblijf beperkt tot de duur van de activiteit waarvoor  vrijstelling van de arbeidstoelating wordt verleend + duur van de activiteit - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij vrijgesteld is van een arbeidstoelating voor de uitgeoefende activiteit;
  • bewijs dat hij over voldoende bestaansmiddelen beschikt (arbeidscontract, bewijs van de effectieve storting van het salaris op een rekening die in zijn naam geopend werd);
  • bewijs dat hij over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België dekt;
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).

B13 Machtiging tot verblijf beperkt tot de duur van de gastovereenkomst - Onderzoeker - Art. 61/11 van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij een onderzoeker in de zin van artikel 61/11 van de wet van 15/12/1980 is (geldige gastovereenkomst);
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).

B14 Machtiging tot verblijf beperkt tot de duur van de arbeidskaart B - Werknemer in loondienst - Artikelen 9 en 13 van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij voor de uitgeoefende activiteit over een arbeidstoelating beschikt (geldige arbeidskaart B die tijdens een legaal verblijf verlengd werd);
  • bewijs dat hij over voldoende bestaansmiddelen beschikt (arbeidscontract, bewijs van de effectieve storting van het salaris op een rekening die in zijn naam geopend werd);
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar heeft gebracht (uittreksel uit het strafregister).

B15 Machtiging tot verblijf beperkt tot de duur van de beroepskaart + 3 maanden - Zelfstandige activiteit - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980          

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij voor de uitgeoefende activiteit over een toelating beschikt (geldige beroepskaart die tijdens een legaal verblijf verlengd werd);
  • bewijs dat de activiteit wordt uitgeoefend als zaakvoerder, bestuurder of actieve vennoot. Een actieve vennoot moet ook zijn loonfiches en  de oprichtingsakte van de vennootschap of de akte van overdracht van aandelen voorleggen;
  • bewijs van de betaling van de sociale bijdragen (officieel attest van het sociaal verzekeringsfonds voor zelfstandigen) en van de BTW, indien op de uitgeoefende activiteit BTW van toepassing is
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).

B17 Machtiging tot verblijf beperkt tot 1 jaar - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980

  1. Voor een vreemdeling die in de hoedanigheid van rentenier gemachtigd is om in België te verblijven 

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij beschikt over regelmatige, stabiele en voldoende inkomsten voor een bedrag ten minste gelijk aan het leefloon toegekend aan een alleenstaande, dat is 1.137,97 EUR (bedrag geïndexeerd op 01/08/2022);
  • bewijs dat hij deze inkomsten heeft overgemaakt op een bankrekening die in België in zijn naam geopend werd;
  • bewijs dat hij over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België dekt;
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).
  • bewijs van de inspanningen om zich in de Belgische samenleving te integreren.
  1. Voor een vreemdeling die gemachtigd is om in België te verblijven in de hoedanigheid van ouder (vader of moeder), of meerderjarig kind dat meer dan 25 jaar oud is, van een buitenlandse diplomaat die houder is van een speciale identiteitskaart die door de directie Protocol (FOD Buitenlandse Zaken) afgegeven werd

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij ten laste wordt genomen en effectief samenwoont met het begeleide of gevoegde diplomaat;
  • kopie van de geldige speciale identiteitskaart die door de directie Protocol aan de diplomaat afgegeven werd;
  • bewijs dat hij over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België dekt;
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).
  • bewijs van de inspanningen om zich in de Belgische samenleving te integreren.

B19    Tijdelijke machtiging tot verblijf - Status van langdurig ingezetene bekomen in een andere lidstaat van de Europese Unie - Art. 61/7 van de wet 15.12.1980   

  1. Voor een vreemdeling die naar België gekomen is om er een activiteit in loondienst uit te oefenen 

De verlenging van de gecombineerde vergunning moet bij het bevoegde Gewest worden aangevraagd. De A-kaart wordt verlengd indien het Gewest de arbeidstoelating verlengt en de Dienst Vreemdelingenzaken de machtiging tot verblijf verlengt.

  1. Voor een vreemdeling die naar België gekomen is om er een werkzaamheid anders dan in loondienst uit te oefenen

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij voor de uitgeoefende activiteit over een toelating beschikt (beroepskaart), of dat hij voor de uitgeoefende activiteit vrijgesteld is van deze vergunning;
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).
  1. Voor een vreemdeling die naar België gekomen is om te studeren of een beroepsopleiding te volgen 

Zie nationale vermelding  B40.

  1. Voor een vreemdeling die voor andere doeleinden naar België gekomen is* 

*Over het algemeen gaat het om een vreemdeling die over voldoende bestaansmiddelen beschikt.

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij een rente of een pensioen ontvangt voor een bedrag ten minste gelijk aan het leefloon toegekend aan een alleenstaande, dat is 1.137,97 EUR (bedrag geïndexeerd op 01/08/2022);
  • bewijs dat hij deze rente of dit pensioen overgemaakt heeft op een bankrekening die in België in zijn naam geopend werd;
  • bewijs dat hij over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België dekt;
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).
  • bewijs van de inspanningen om zich in de Belgische samenleving te integreren.

B20 Gezinshereniging - Art. 40bis* of 40ter van de wet van 15/12/1980 - De gezinshereniger is een meerderjarige Belg of EU-burger

De vreemdeling die in het kader van een gezinshereniging met een meerderjarige Belg of een meerderjarige onderdaan van een van de lidstaten van de Europese Unie (hierna EU-burger) toegelaten is tot een verblijf van meer dan 90 dagen in België moet aan de volgende verblijfsvoorwaarden voldoen:

  • in België met de vervoegde Belg of EU-burger samenwonen;
  • niet ten laste vallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengen door zijn gedrag (uittreksel uit het strafregister, indien hij 18 jaar of ouder is);
  • inspanningen leveren om zich in de Belgische samenleving te integreren.

Anderzijds moet de vervoegde Belg of EU-burger:

  • over stabiele, regelmatige en voldoende bestaansmiddelen beschikken, tenzij de vreemdeling niet aan deze verblijfsvoorwaarde moet voldoen;
  • over voldoende huisvesting beschikken (indien hij sinds de toekenning van het visum D verhuisd is);
  • over een ziektekostenverzekering beschikken die de risico's in België voor de houder van de verblijfskaart en voor hemzelf dekt.

* De afgifte van een D-visum aan een familielid van een EU-burger is uitzonderlijk.

De toegangsvoorwaarden voor een dergelijke vreemdeling zijn immers vastgelegd in Richtlijn 2004/38/EG. Een vreemdeling die van een visum voor kort verblijf is vrijgesteld, reist in het algemeen met deze vrijstelling en een vreemdeling die aan de visumplicht voor kort verblijf is onderworpen, reist met een C-visum. De voorwaarden voor een buitenlander die meer dan 90 dagen in België wil verblijven als familielid van een EU-burger worden nader toegelicht op de pagina's over EU-burgers.

B21 Gezinshereniging - Art. 40bis of 40ter van de wet van 15/12/1980 - De gezinshereniger is een minderjarige Belg of EU-burger

De vreemdeling die in het kader van een gezinshereniging met een minderjarige Belg of een minderjarige onderdaan van een van de lidstaten van de Europese Unie (hierna EU-burger) toegelaten is tot een verblijf van meer dan 90 dagen in België moet aan de volgende verblijfsvoorwaarden voldoen:

  • een reële band hebben met de vervoegde Belg of EU-burger;
  • inspanningen leveren om zich in de Belgische samenleving te integreren.

B22 Gezinshereniging - Art. 10, 10bis, 40bis of 40ter van de wet van 15/12/1980 - Terugkeervisum

Dit visum wordt toegekend aan een vreemdeling die houder is van een attest van immatriculatie en betrokken is bij een gezinsherenigingsprocedure, maar die België verlaten heeft vooraleer de beslissing genomen werd. Het onderzoek van de aanvraag wordt voortgezet.

B23 Machtiging tot verblijf beperkt tot 6 maanden met het oog op een adoptie - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet het bewijs van de duidelijke vooruitgang in de adoptieprocedure voorleggen (document van de Federale Centrale Autoriteit of de Centrale Autoriteit van de gemeenschap die inzake adoptie bevoegd is).

B24 Machtiging tot verblijf beperkt tot 1 jaar - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980 - Werkvakantieprocedure

Geen verlenging van de verblijfskaart, omdat de duur van de machtiging tot verblijf strikt beperkt is tot 1 jaar.

B26 Recht op terugkeer - Art. 19 van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling wordt teruggeplaatst in de situatie waarin hij zich bevond vooraleer hij België verliet.

B27 Machtiging tot terugkeer na 1 jaar - Art. 9 van de wet van 15/12/1980 + Koninklijk besluit van 07/08/1995

De vreemdeling ontvangt een A-kaart die 1 jaar geldig is, maar wordt gemachtigd tot een verblijf van onbeperkte duur in België.  Hij ontvangt een B-kaart wanneer zijn A-kaart vervalt.   (Omzendbrief van 05/02/1996, punt V).

B28 Gezinshereniging -
Art.10bis. §2 of §3 van de wet van 15/12/1980 - Verblijf beperkt tot de duur van het verblijf van de gezinshereniger

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister, indien hij 18 jaar of ouder is).
  • bewijs van de inspanningen om zich in de Belgische samenleving te integreren;
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over stabiele, regelmatige en voldoende bestaansmiddelen beschikt ;
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over voldoende huisvesting beschikt (indien hij sinds de toekenning van het visum D verhuisd is);
  • bewijs dat de vervoegde vreemdeling over een ziektekostenverzekering beschikt die de risico's in België voor de houder van de verblijfskaart en voor hemzelf dekt.

Anderzijds moet de vreemdeling effectief samenwonen met de vervoegde vreemdeling (positief samenwoonstonderzoek   uitgevoerd door de bevoegde gemeentelijke overheden).

B29 Tijdelijke machtiging tot verblijf - Art. 61/27 van de wet van 15/12/1980 - Hooggekwalificeerde werknemer (Europese blauwe kaart)

De verlenging van de gecombineerde vergunning moet bij het bevoegde Gewest worden aangevraagd. De A-kaart wordt verlengd indien het Gewest de werkvergunning verlengt en de Dienst Vreemdelingenzaken de machtiging tot verblijf verlengt.

B30 Gezinshereniging - Art. 47/1 van de wet van 15/12/1980 - Ander familielid van een EU-burger

De vreemdeling die in de hoedanigheid van ander familielid van een onderdaan van een van de lidstaten van de Europese Unie (hierna EU-burger) toegelaten is tot een verblijf van meer dan 90 dagen in België moet aan de volgende verblijfsvoorwaarden voldoen:

  1. Voor een feitelijke partner 
  • in België een duurzame relatie hebben met de vervoegde EU-burger;
  • door zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengen (uittreksel uit het strafregister).
  1. Voor een familielid dat wegens ernstige gezondheidsredenen een persoonlijke verzorging door de EU-burger strikt behoeft 
  • een ernstig gezondheidsprobleem hebben dat rechtvaardigt dat de EU-burger hem strikt en persoonlijk verzorgt;
  • door zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengen (uittreksel uit het strafregister).

B31 Machtiging tot terugkeer na een afwezigheid van minder dan een jaar- Vervallen verblijfskaart - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling wordt teruggeplaatst in de situatie waarin hij zich bevond vooraleer hij België verliet.

B32    Hervestiging - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling wordt uitgenodigd om internationale bescherming aan te vragen in België.

B33    Machtiging tot verblijf beperkt tot 1 jaar - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980 - Humanitaire redenen

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat hij studies of een opleiding volgt of een beroepsactiviteit uitoefent;
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).
  • bewijs van de inspanningen om zich in de Belgische samenleving te integreren.

B34 Gecombineerde vergunning

De verlenging van de gecombineerde vergunning moet bij het bevoegde Gewest worden aangevraagd. De A-kaart wordt verlengd indien het Gewest de werkvergunning verlengt en de Dienst Vreemdelingenzaken de machtiging tot verblijf verlengt.

B35 Student – Mobiliteit

De duur van de verblijfskaart is beperkt tot de duur van de mobiliteit, of tot 2 jaar. Een verlenging is niet mogelijk wanneer de verblijfskaart vervalt, tenzij de vreemdeling de onder B40 vermelde documenten voorlegt. 

B36 Seizoenarbeider

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs van de verlenging van de door het bevoegde Gewest toegekende werkvergunning;
  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • door zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengen (uittreksel uit het strafregister).

B37 Intra Corporate Transferee (ICT

De verlenging van de gecombineerde vergunning moet bij het bevoegde Gewest worden aangevraagd. De A-kaart wordt verlengd indien het Gewest de werkvergunning verlengt en de Dienst Vreemdelingenzaken de machtiging tot verblijf verlengt.

B38 Gezinshereniging - Art. 10. §1, 4° tot 7° van de wet van 15/12/1980 – Familielid van een begunstigde van internationale bescherming vrijgesteld van voorwaarden (huisvesting, verzekering, MEX)  

De vreemdeling die in het kader van een gezinshereniging met een vreemdeling, begunstigde van internationale bescherming in België en vrijgesteld van de verblijfsvoorwaarden met betrekking tot de bestaansmiddelen, de huisvesting en de ziektekostenverzekering, toegelaten is tot een verblijf van meer dan 90 dagen in België moet aan de volgende verblijfsvoorwaarden voldoen:

  • samenwonen met de vervoegde vreemdeling, begunstigde van internationale bescherming;
  • door zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengen (uittreksel uit het strafregister).

De vreemdeling die een onbeperkt verblijf (B-kaart) aanvraagt (statuut dat onafhankelijk is van het statuut van de vervoegde vreemdeling) moet bewijzen dat hij over voldoende bestaansmiddelen beschikt en dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW).

B39 Machtiging tot verblijf beperkt tot 12 maanden - Jaar om na de studies naar werk te zoeken - Artikel 61/1/9 van de wet van 15/12/1980

Geen verlenging mogelijk wanneer de verblijfskaart vervalt.

B40 Machtiging tot verblijf beperkt tot de duur van de studies - Inschrijving aan een instelling voor hoger onderwijs + naam van de instelling - Art. 60. §3, 3°, a) van de wet van 15/12/1980

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • een attest dat [conform het model van het standaardformulier vastgelegd door het ministerieel besluit van 28 maart 2022] opgesteld is door een instelling voor hoger onderwijs en bewijst dat hij er ingeschreven is om hogere studies te volgen;
  • de resultaten van het voorgaande jaar (rapport);
  • een attest dat de voortgang van de studies aantoont en [conform het model van het standaardformulier vastgelegd door het ministerieel besluit van 28 maart 2022] opgesteld is door de instelling voor hoger onderwijs ;
  • het bewijs dat hij over voldoende bestaansmiddelen beschikt voor de duur van zijn verblijf, om te voorkomen dat hij tijdens zijn verblijf ten laste komt van het Belgische sociale bijstandsstelsel;
  • het bewijs dat hij beschikt over een ziektekostenverzekering die alle risico's in België dekt (attest van inschrijving bij een ziekenfonds).

B41     Tijdelijke machtiging tot verblijf - Toelating tot de studies + naam van de instelling - Art. 60. §3, 3°, b) van de wet van 15/12/1980

1. B41 - Machtiging tot verblijf die 4 maanden geldig is

De vreemdeling moet zich ten minste 15 dagen voor het verstrijken van zijn attest van immatriculatie of zijn visum D naar het gemeentebestuur begeven en een attest voorleggen dat [conform het model van het standaardformulier vastgelegd door het ministerieel besluit van 28 maart 2022] opgesteld is en bewijst dat hij ingeschreven is  om voltijds hogere studies of een voorbereidend jaar voor hogere studies te volgen aan de instelling voor hoger onderwijs waarvoor hij zijn visum ontvangen heeft.

Hij moet ook het bewijs voorleggen dat hij beschikt over een ziektekostenverzekering die alle risico's in België dekt voor de duur van zijn verblijf, indien dit bewijs niet samen met de visumaanvraag werd voorgelegd.

2. Verlenging van de A-kaart

Zie nationale vermelding  B40.

B42 Tijdelijke machtiging tot verblijf - Inschrijving voor een toelatingsexamen of een toelatingsproef + naam van de instelling - Art. 60. §3, 3°, c) van de wet van 15/12/1980

1. B41 - Machtiging tot verblijf die 4 maanden geldig is

De vreemdeling moet zich ten minste 15 dagen voor het verstrijken van zijn attest van immatriculatie of zijn visum D naar het gemeentebestuur begeven en een attest voorleggen dat [conform het model van het standaardformulier vastgelegd door het ministerieel besluit van 28 maart 2022] opgesteld is en bewijst dat hij ingeschreven is  om voltijds hogere studies of een voorbereidend jaar voor hogere studies te volgen aan de instelling voor hoger onderwijs waarvoor hij zijn visum ontvangen heeft.

 Hij moet ook het bewijs voorleggen dat hij beschikt over een ziektekostenverzekering die alle risico's in België dekt voor de duur van zijn verblijf, indien dit bewijs niet samen met de visumaanvraag werd voorgelegd.

1. Verlenging van de A-kaart

Zie nationale vermelding  B40.

B43 Tijdelijke machtiging tot verblijf - Geen ziektekostenverzekering - Art. 61/1/1. §4 van de wet van 15/12/1980

Deze vermelding wordt steeds aan de vermelding B40, B41 of B42 gekoppeld.

Ten minste 15 dagen voor het verstrijken van zijn attest van immatriculatie of zijn visum D moet de vreemdeling het bewijs voorleggen dat hij beschikt over een ziektekostenverzekering die alle risico's in België dekt voor de duur van zijn verblijf.

B44  Machtiging tot verblijf beperkt tot 1 jaar - Art. 9 en 13 van de wet van 15/12/1980 - Humanitaire redenen - Uitgebreide gezinshereniging

De vreemdeling die de verlenging van zijn verblijfskaart aanvraagt, moet de volgende documenten voorleggen:

  • bewijs dat hij niet ten laste is gevallen van de Belgische openbare overheden (attest van het OCMW);
  • bewijs dat hij studies of een opleiding volgt of een beroepsactiviteit uitoefent;
  • bewijs dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).
  • bewijs van de inspanningen om zich in de Belgische samenleving te integreren.

Indien het visum werd toegekend om in België een familielid te vervoegen moet de vreemdeling ook bewijzen dat hij met deze persoon samenwoont, tenzij hij in in zijn eigen onderhoud kan voorzien.

B45 Gezinshereniging  - Art. 57/34 van de wet van 15/12/1980 - De gezinshereniger is de begunstigde van tijdelijke bescherming in België

Artikel 57/36 van de wet van 15/12/1980 bepaalt het moment waarop het regime van tijdelijke bescherming eindigt.   

Indien de A-kaart van een familielid, dat 18 jaar of ouder is, van een begunstigde van het regime van tijdelijke bescherming verstrijkt vooraleer dit regime eindigt, moet hij het bewijs voorleggen dat zijn gedrag de Belgische openbare orde of de Belgische nationale veiligheid niet in gevaar brengt (uittreksel uit het strafregister).