Retributie

[Artikel 1/1 van de wet van 15/12/1980 en artikelen 1/1 tot 1/2/1 van de Koninklijk besluit van 08/10/1981]

Op straffe van niet-ontvankelijkheid van zijn aanvraag voor machtiging of toelating tot het verblijf moet een vreemdeling een retributie die de administratieve kosten dekt betalenAfwijking: De vreemdelingen jonger dan 18 jaar en de  erkende staatlozen ten aanzien van wie wordt vastgesteld dat zij hun nationaliteit buiten hun wil hebben verloren en die aantonen dat zij geen wettige en duurzame verblijfstitel kunnen verkrijgen in een andere Staat waarmee zij banden zouden hebben betalen geen retributie (gratis).

Een retributie moet betaald worden per aanvraag, en per persoon. Afwijking: Als een aanvraag tot verblijf gezamenlijk wordt ingediend door een gezin, waarbij de partners gehuwd zijn of wettelijk samenwonend, en de aanvraag voor alle leden van het gezin op dezelfde grond gebeurt, moet er slechts één keer retributie worden betaald. 

Er zijn verschillende bedragen, afhankelijk van het soort aanvraag

De vreemdeling moet het bewijs van de volledige betaling van de retributie voorleggen op het moment van de aanvraag bij de Belgische diplomatieke of consulaire post (aanvraag visum D) of bij het gemeentebestuur van de verblijfplaats (verblijfsaanvraag), of bij de bevoegde regionale autoriteit (gecombineerde vergunning).  

De retributie wordt niet terugbetaald indien de aanvraag voor een visum D of de verblijfsaanvraag geweigerd wordt.  In bepaalde gevallen kan de bijdrage daarentegen wel worden terugbetaald. 

 

De bedragen worden gekoppeld aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk. Ze worden elk jaar op 1 januari aangepast. Er zijn nieuwe bedragen sinds 26 mei 2022.

Het bedrag wordt vastgelegd als volgt:

  • Vreemdeling jonger dan 18 jaar: gratis;
  • Erkende staatloze ten aanzien van wie wordt vastgesteld dat hij zijn nationaliteit buiten zijn wil heeft verloren en die aantonen dat hij geen wettige en duurzame verblijfstitel kan verkrijgen in een andere Staat waarmee hij banden zou hebben: gratis;  
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 90 dagen bij een Belgische diplomatieke of consulaire post (bv: au pair, beroepskaart, werkvakantieprogramma, rentenier, humanitaire redenen enz.) – Artikel 9 van de wet van 15/12/1980 : 201 EUR, behalve (b) (c) (d) (f) ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan drie maanden die in België wordt ingediend (buitengewone omstandigheden) – Artikel 9bis van de wet van 15/12/1980 : 313 EUR, behalve (b) ;
  • Aanvraag voor een toelating tot verblijf van meer dan 90 dagen van de familieleden  van een vreemdeling die toegelaten of gemachtigd is tot een verblijf van onbeperkte duur in België of gemachtigd is om er zich te vestigen (B-, C-, D-,  F-, F+- of K-kaart) – Artikel 10, § 1, eerste lid, 4° tot 6° van de wet van 15/12/1980 : 181 EUR, behalve (a) (e) (f) ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 90 dagen van de familieleden  van een vreemdeling die in de hoedanigheid van student tot een verblijf gemachtigd is (A-kaart) – Artikel 10bis, § 1 van de wet van 15/12/1980 : 181 EUR, behalve (a) (f) ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 90 dagen van de familieleden van een vreemdeling die gemachtigd is om voor een beperkte duur in België te verblijven (A-, H- of L-kaart) – Artikel 10bis, § 2 van de wet van 15/12/1980 : 181 EUR, behalve (a) (f) ;
  • Verblijfsaanvraag van de familieleden van een Belg – Artikel 40ter van de wet van 15/12/1980 : 181 EUR, behalve (a) (h) ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 90 dagen van een vreemdeling die in de hoedanigheid van student aan een openbare instelling voor hoger onderwijs in België wenst te verblijven – Artikel 60 van de wet van 15/12/1980 : 208 EUR, behalve (b) ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 90 dagen van een vreemdeling die studies wens te volgen in een privé instelling voor hoger onderwijs – Artikel 9 van de wet van 15/12/1980: 201 EUR, behalve (b) (c) (d) (f);
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan drie maanden van een vreemdeling die, in de hoedanigheid van onderzoeker, een onderzoeksproject wil uitvoeren, in het kader van een met een erkende onderzoeksinstelling afgesloten gastovereenkomst – Artikel 61/11 van de wet van 15/12/1980: 126 EUR, behalve (b) ;
  • Aanvraag voor een toelating tot arbeid en verblijfsaanvraag (gecombineerde vergunning) – Artikel 61/25-1 van de wet van 15/12/1980: 126 EUR ;
  • Aanvraag voor een arbeidsvergunning en verblijfsaanvraag om een hooggekwalificeerde betrekking uit te oefenen – Artikel 61/26 van de wet van 15/12/1980: 126 EUR ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 90 dagen in de hoedanigheid van seizoenarbeider – Artikel 61/29-4 van de wet van 15/12/1980: 126 EUR ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 90 dagen, in de hoedanigheid van een binnen een onderneming overgeplaatste persoon – Artikel 61/34 van de wet van 15/12/1980: 126 EUR ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan 90 dagen binnen het kader van lange-termijnmobiliteit,  in de hoedanigheid van een binnen een onderneming overgeplaatste persoon – Artikel 61/45 van de wet van 15/12/1980: 126 EUR ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot verblijf van meer dan drie maanden van een vreemdeling die houder is van een geldige EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetene, afgegeven door een andere lidstaat van de Europese Unie, op basis van de richtlijn 2003/109/EG – Artikel 61/7 van de wet van 15/12/1980: 168 EUR, behalve (b) ;
  •  Aanvraag voor een toelating tot verblijf van meer dan 90 dagen van de vreemdeling wiens recht op verblijf erkend wordt door een internationaal verdrag, door een wet of door een koninklijk besluit – Artikel 10 § 1, eerste lid, 1° van de wet van 15/12/1980: 181 EUR, behalve (a) (e) (f) ;
  • Aanvraag voor een toelating tot verblijf van meer dan 90 dagen van de vreemdeling die de door het Wetboek van de Belgische nationaliteit voorziene voorwaarden om de Belgische nationaliteit te herkrijgen vervult – Artikel 10 § 1, eerste lid, 2° van de wet van 15/12/1980: 181 EUR, behalve (a) (e) (f) ;
  • Aanvraag voor een toelating tot verblijf van meer dan 90 dagen van de vrouw die de Belgische nationaliteit verloren heeft door haar huwelijk of ingevolge het verwerven van een vreemde nationaliteit door haar echtgenoot – Artikel 10 § 1, eerste lid, 3° van de wet van 15/12/1980: 181 EUR, behalve (a) (e) (f) ;
  • Aanvraag voor een machtiging tot terugkeer van de vreemdeling die houder is van een geldige Belgische verblijfs- of vestigingsvergunning en die meer dan een jaar afwezig is geweest uit het Rijk – Artikel 19 § 2 van de wet van 15/12/1980: 168 EUR, behalve (f) (g) ;
  • Aanvraag voor het herkrijgen van de status van langdurig ingezetene na het verlies van het recht op terugkeer – Artikel 19 § 2 van de wet van 15/12/1980: 168 EUR, behalve (f) (g) ;
  • Aanvraag voor een verandering van statuut : het bedrag hangt af van het gevraagde statuut.

(a) met uitzondering van de aanvraag ingediend door een alleenstaand gehandicapt kind dat ouder is dan 18 jaar, voor zover het een attest voorlegt dat uitgaat van een door de Belgische diplomatieke of consulaire post erkende arts dat aantoont dat het wegens zijn handicap niet in zijn eigen behoeften kan voorzien: gratis.

(b) met uitzondering van de aanvraag ingediend door een vreemdeling die het bewijs voorlegt dat hij houder is van een beurs die is toegekend door een instelling of een overheid bedoeld in artikel 1/1 van het koninklijk besluit van 08/10/1981, door middel van een standaardformulier waarvan het model is vastgesteld door de minister of met een attest afgegeven door de Algemene Directie Ontwikkelingssamenwerking en Humanitaire Hulp van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking: gratis.

(c) met uitzondering van de aanvraag ingediend door een vreemdeling die werd toegelaten tot de procedure van hervestiging in het kader van een hervestigingsprogramma onder toezicht van het Hoog Commissariaat van de Verenigde Naties voor de Vluchtelingen: gratis.

(d) met uitzondering van de aanvraag ingediend door een vreemdeling die onvermogend is en hiervan het bewijs levert door de verleende kosteloosheid voor de consulaire taksen door de diplomatieke of consulaire post op basis van bewezen onvermogen, indien hij in het kader van zijn aanvraag niet moet aantonen dat hij over voldoende bestaansmiddelen beschikt: gratis.

(e) met uitzondering van de aanvragen ingediend door de gezinsleden van de begunstigden van de status van vluchteling of de subsidiaire beschermingsstatus: gratis.

(f) met uitzondering van de aanvragen ingediend door de begunstigden van de associatieovereenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije getekend op 12 september 1963: gratis.

(g) met uitzondering van de aanvragen ingediend door de begunstigden van de status van vluchteling, of door de gezinslid van een de begunstigden van de status van vluchteling : gratis.

(h) met uitzondering van de aanvragen ingediend door de familieleden van een Belg die zijn recht op vrij verkeer, overeenkomstig het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, heeft uitgeoefend: gratis.

De retributie moet in euro (€) betaald worden, door de aanvrager of door een derde, op de rekening van de FOD Binnenlandse Zaken, Dienst Vreemdelingenzaken, Pachecolaan 44 - 1000 Brussel.

IBAN : BE57 6792 0060 9235
BIC : PCHQBEBB
Bank: BPOST NV, Muntcentrum (zonder nummer), 1000 Brussel

De mededeling moet de volgende structuur respecteren: Naam Voornaam Nationaliteit Geboortedatum (DDMMJJJJ) van de aanvrager.

 

[cf. artikel 1/2 van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981]

De aanvrager moet een geldig bewijs van de volledige betaling van de retributie voorleggen op het moment van de indiening van zijn aanvraag bij de Belgische diplomatieke of consulaire post (visum D), of bij het gemeentebestuur van de verblijfplaats (verblijfsaanvraag), of bij de bevoegde regionale autoriteit (gecombineerde vergunning). Dit bewijs kan de vorm aannemen van een bankoverschrijving (detail historiek), een rekeninguittreksel of een electronic statement. 

Indien de aanvrager het bewijs van de volledige betaling van de retributie niet voorlegt, verklaart de post of het gemeentebestuur zijn aanvraag onontvankelijk (bijlage 42*).  

Indien de aanvrager het bewijs van betaling van de retributie voorlegt, maar het gestorte bedrag ontoereikend is, verklaart de post of het gemeentebestuur zijn aanvraag tijdelijk onontvankelijk (bijlage 43*).  De aanvrager beschikt over 30 dagen om het bewijs van betaling van het bedrag voor te leggen. Indien de aanvrager het bewijs van betaling van het verschuldigd bedrag niet binnen deze termijn voorlegt, verklaart de post of het gemeentebestuur zijn aanvraag definitief onontvankelijk (bijlage 42*). Het reeds betaalde bedrag wordt niet terugbetaald.

Een onontvankelijke aanvraag wordt niet behandeld.

* Bijlagen van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen .

Aan de Dienst Vreemdelingenzaken kan worden gevraagd om een retributie die per vergissing werd betaald, of die betaald werd voor een aanvraag die tussen 2 maart 2015 en 26 juni 2016 werd ingediend, terug te betalen.

De terugbetaling van het verhoogde deel van de retributie kan worden gevraagd, indien de retributie betaald werd voor een aanvraag die tussen 1 maart 2017 en 2 januari 2019 werd ingediend.

De persoon die de terugbetaling aanvraagt, moet de volgende voorschriften respecteren :

  • Een formulier « Aanvraag voor de terugbetaling van een retributie » volledig en leesbaar (hoofdletters) invullen.  Indien de terugbetalingsaanvraag op meerdere retributie betrekking heeft, moet een mail per retributie worden ingevuld;
  • Het formulier ondertekenen (manuele handtekening of digitale handtekening);
  • Het bewijs van de betaling van de retributie waarvan de volledige of gedeeltelijke terugbetaling wordt gevraagd toevoegen;
  • Het formulier « Aanvraag voor de terugbetaling van een retributie » en het bewijs van de betaling naar het adres remboursement[at]ibz.fgov.be, sturen, bij voorkeur in pdf-formaat.
  • Een ingevuld en ondertekend formulier per retributie + een bewijs van betaling = een mail. 

Indien de persoon die de terugbetaling van de retributie vraagt niet de persoon is die de retributie betaald heeft, moet de terugbetalingsaanvraag gepaard gaan met twee bijkomende  documenten: